Ondanks corona toch een Matthäus Passion beleven? Op die ouderwetse radio gaat het veel beter dan op televisie of online

Fysiek een Matthäus Passion bijwonen kan niet, maar online en op radio en televisie klotst de passiemuziek ons om de oren.

De kruisiging.

De kruisiging. Foto: Shutterstock

Zondagmiddag 28 maart zond Omroep Max op tv een coronaproof (nou ja, min of meer) Matthäus uit van Ton Koopman en zijn Amsterdam Baroque Orchestra & Choir. Het was een schitterende uitvoering, met prachtige solisten en een hoofdrol voor Tilman Lichdi als de evangelist Matteüs.

Voordeel van zo’n tv-registratie is dat je de musici van dichtbij kunt bekijken. Maar soms is dat ook een nadeel: Lichdi legde zoveel gezichtsexpressie in zijn gezongen vertelling van het lijdensverhaal van Christus dat het deze kijker soms wat te gortig werd.

Gent-Wevelgem verleidt tot zappen

Je concentratie in de huiskamer is ook heel anders dan in de concertzaal, zeker als op het andere net de finale van de wielerklassieker Gent-Wevelgem tot zappen verleidt. Dan mis je dus zomaar de finish van Koopmans Matthäus . Gelukkig zijn tv-uitzendingen terug te kijken.

Radio (hoezo ouderwets?) is een veel fijner medium voor deze muziek. Dinsdagavond 30 maart zond NPO Radio 4 de door musicoloog Rens Bijma gereconstrueerde oerversie van Bachs Matthäus Passion uit, geleid door de Groningse dirigent en violist Johannes Leertouwer. Het was een bijzondere uitvoering die ruim 2,5 uur lang moeiteloos de aandacht vasthield.

Groot voordeel van bij de radio plaatsnemen, in je luie stoel, met een koptelefoon op, en zonder afleidende beelden: je kunt de partituur erbij pakken en meelezen (en ongegeneerd meezingen). En waar online-uitvoeringen nog wel eens ergernis opwekken door haperingen, doet de radio het altijd.

De oer-Matthäus klinkt erg vertrouwd

De bladmuziek was bij het luisteren naar deze eenkorige oerversie van extra waarde, omdat de verschillen met de bekende, tweekorige versie daardoor meer opvielen. Het meest opvallende aan deze oer- Matthäus (waarvoor slechts 25 musici nodig zijn, onder wie 8 zangers en 2 jongenssopranen) was namelijk dat hij zo vertrouwd klonk.

Op een paar fikse wijzigingen na (zoals het openingskoor, dat in de oerversie meer een aria is), zaten de afwijkingen vooral in de details. Onwillekeurig vroeg je je af: voegt die tweekorigheid nou echt zoveel toe? Maar luister vooral vrijdag zelf, als de uitvoering online te horen en ook te zien is (of luister terug via de app of website van Radio4 ).

Je kunt deze onderwerpen volgen
Cultuur
Cultuur
muziek
menu