Dit zeggen de politieke partijen over kunst en cultuur in hun verkiezingsprogramma's (en bezuinigingen zitten daar niet bij)

Wat zeggen politieke partijen met de verkiezingen voor de deur, over kunst en cultuur? Voor wie op 17 maart in het stemhokje het cultuurbeleid wil laten meewegen: een duik in de verkiezingsprogramma’s aan de hand van 8 thema’s.

De coronapandemie raakt de kunstwereld hard, wat zeggen politieke partijen over kunst en cultuur in hun verkiezingsprogramma's?

De coronapandemie raakt de kunstwereld hard, wat zeggen politieke partijen over kunst en cultuur in hun verkiezingsprogramma's? Foto: Marleen Annema

De coronacrisis raakt de culturele wereld na jaren van bezuinigingen ongekend hard. Niet alleen acteurs, musici, artiesten, museummedewerkers, productieleiders en regisseurs maar ook servicemedewerkers en technici krijgen financiële klappen en zien hun perspectief op werk verslechteren. Tegelijkertijd is de waardering voor kunst bij het publiek door de pandemie gegroeid. Wat zijn de plannen van de politieke partijen met kunst en cultuur? Edo Dijksterhuis en Jan Pieter Ekker vlooiden de verkiezingsprogramma’s door van de partijen die waarschijnlijk op 17 maart minstens één zetel behalen.

Van al die partijen heeft alleen Denk geen paragraaf over kunst en cultuur opgenomen in zijn verkiezingsprogramma. De rest heeft in meer of mindere mate een visie geformuleerd. De SGP besteedt er een paar alinea’s aan in het verkiezingsprogramma, 50Plus wat losse opmerkingen. Aan de andere kant van het spectrum staan D66 en PvdA met lange, doorwrochte teksten.

Opmerkelijk is hoe sterk die paragrafen de ideologische oriëntatie van partijen weerspiegelen. Bij de PVV geldt ‘eigen cultuur eerst’, de ChristenUnie legt de nadruk op kerkelijk erfgoed en bij de SGP kennen ze het woord ‘kunst’ niet eens. D66 zet in op ‘welzijn in plaats van welvaart’ en het CDA benadrukt dat iedereen mee moet doen, professionals en amateurs.

De volgende acht thema’s komen in de meeste partijprogramma’s terug:

1. Meer of minder geld

Geen enkele politieke partij zegt expliciet te willen korten op kunst en cultuur. Wel zijn er veel voorstanders van subsidieverhoging voor de sector, die onder staatssecretaris Halbe Zijlstra (VVD) tijdens het kabinet-Rutte I (2010-2012) genadeloos werd gekort en er tijdens de coronacrisis enorme verliezen bovenop kreeg.

Volt vindt dat de 600 miljoen euro die er sinds 2009 vanaf is gegaan, terug moet. Andere partijen noemen geen bedrag, maar PvdA, GroenLinks, Bij1 en Partij voor de Dieren hebben het allemaal over ‘structureel meer geld’. D66 voegt daar herinvoering van de 1 procentregeling (1 procent van de bouwsom van rijksoverheidsgebouwen is voor kunst), verlaging van de btw en het verruimen van de Geefwet (belastingvrij schenken) aan toe.

Om de gevolgen van de coronacrisis te bestrijden wil de SP voor kunst en cultuur een nationaal investeringsfonds instellen. CDA en PvdA zijn voorstander van respectievelijk ‘een herstelplan’ en ‘een reddingsplan’ – de woordkeuze zegt veel over de mate van urgentie.

2. Arbeidsmarkt en Fair Practice Code

‘Achter de rijkdom van onze kunst en cultuur schuilt helaas te vaak de armoede van de maker,’ schrijft de PvdA. De sociaaldemocraten willen de positie van kunstenaars – doorgaans zzp’ers zonder vangnet – verbeteren door collectieve loonafspraken mogelijk te maken, iets wat nu nog wordt verhinderd door de Mededingingswet.

De PvdA zet ook in op meer beurzen en atelierruimte. Bij1, dat ook uitbreiding van het aantal broedplaatsen wil, is de enige partij die een concreet voorstel doet voor bestaanszekerheid: herinvoering van de Wet werk en inkomen kunstenaars (Wwik), de regeling die tussen 2005 en 2012 kunstenaars maximaal tien jaar een toevoeging gaf op hun inkomen.

D66 vindt dat een groter deel van de kunstsubsidie naar makers moet gaan. De partij beroept zich daarbij op de zogenoemde Fair Practice Code, die onder meer eerlijke betaling, onderlinge solidariteit en transparantie voorschrijft. Ook GroenLinks, Bij1 en de ChristenUnie noemen de code in hun programma.

3. Regionalisering

Alle partijen zijn voor een betere spreiding van het cultuuraanbod. Want, zoals de VVD stelt, ‘kunst en cultuur zijn niet alleen van de grote steden’. De voorstanders van regionalisering gaan echter nogal makkelijk voorbij aan de decentralisatie die in 2015 heeft plaatsgevonden en veel verantwoordelijkheden bij lagere overheden heeft gelegd. Grote regionale verschillen zijn ontstaan doordat gemeenten bijvoorbeeld bejaardenzorg belangrijker vinden dan behoud van een theater. De enige partij die expliciet erkent dat hier een weeffout zit, is D66. Die partij stelt: ‘Ook lokale overheden krijgen voldoende geld voor hun cultuurbeleid.’

4. On d e rwijs

Dit keer in de verkiezingsprogramma’s vrijwel niets over culturele en kunstzinnige vorming (CKV), maar wel over toegang van jongeren tot kunst en cultuur. GroenLinks zet er een cultuurbudget voor in en de PvdA een cultuurkaart. PvdD, Bij1 en SP willen dat alle rijksmusea gratis toegankelijk worden. Dat vindt Forum voor Democratie ook, maar dan wel alleen voor Nederlanders die een paspoort kunnen laten zien.

5. Identiteit en diversiteit

De kunst- en cultuurparagraaf van Bij1 staat in het teken van diversiteit. Makers van kleur moeten meer kansen krijgen, zodat kunst en cultuur beter de samenleving weerspiegelen en daar op hun beurt weer een positief effect op hebben. Om dat te bewerkstelligen moet bijvoorbeeld een toezichthouder diversiteit worden aangesteld bij de omroepen.

Bij rechtse partijen is cultuur geen emancipatiemiddel, maar een afspiegeling van tradities. De PVV wil ‘onze Joods-christelijke wortels’ grondwettelijk vastleggen en elke schooldag beginnen met het hijsen van de Nederlandse driekleur. Het mag geen verrassing heten dat Wilders’ partij tegen het herzien is van koloniaal besmette straatnamen of monumenten. Daarin krijgt ze bijval van 50Plus en de SGP.

FvD wil een Paleis voor de Volksvlijt. CDA haalt het oude plan voor een Nationaal Historisch Museum van stal en vindt daarbij de SP aan zijn zijde. D66 maakt zich hard voor een slavernijmuseum.

6. Omroep en audiovisuele industrie

Als het aan PVV en FvD ligt, verdwijnen de publieke omroepen zo snel mogelijk. PvdA wil ze juist versterken, net als 50Plus, dat er wel als voorwaarde aan verbindt dat er meer programma’s voor ouderen worden gemaakt en dat er meer in de middaguren wordt uitgezonden.

Breed gedragen onder alle linkse partijen is het voorstel om streamingdiensten zoals Netflix en Amazon, omroepen en bioscopen een heffing te laten betalen. Het opgehaalde geld wordt vervolgens geïnvesteerd in Nederlandse films, tv-series en andere content.


7. Bibliotheken

Bij de vorige bezuinigingsronde werden bibliotheken onevenredig hard geraakt. In 2012-2014 moest driekwart snijden in personeel en diensten, soms met sluiting tot gevolg. Veel partijen erkennen nu hoe belangrijk bibliotheken zijn om laaggeletterdheid tegen te gaan en onderwijsongelijkheid te bestrijden. Volt vindt het belangrijk ‘dat ieder kind toegang heeft tot een openbare bibliotheek’ en reserveert hier extra geld voor.

Bij andere partijen klinken soortgelijke geluiden, de PvdA pleit zelfs voor een stimuleringsfonds. De partij gaat hiermee echter voorbij aan het feit dat de 433 miljoen euro subsidie die in 2019 naar bibliotheken ging voor meer dan 95 procent afkomstig was van de gemeenten. Bibliotheken ontvangen vrijwel geen rijkssubsidie. Dus tenzij de financieringsstructuur wordt veranderd, zijn deze pleidooien vooral een praatje voor de bühne.


8. Subsidiestelsel

Het subsidiestelsel moet eenvoudiger, vindt D66, ‘en gebaseerd op vertrouwen’. Dat laatste betekent dat niet afvinklijstjes, maar inhoudelijke kwaliteit leidend moet zijn bij de toekenning van subsidie. De democraten willen ook de kunstenplanperiode oprekken, zodat instellingen niet de helft van de tijd bezig zijn met het schrijven van de volgende aanvraag.

GroenLinks stelt voor te werken met periodes van acht in plaats van vier jaar. De partij van Jesse Klaver vindt ook dat subsidie minder afhankelijk moet worden gemaakt van eigen inkomsten. Deze erfenis van decennia gehamer op cultureel ondernemerschap, waarvan tijdens de coronacrisis is gebleken dat die musea en podia extra kwetsbaar heeft gemaakt, moet het ook ontgelden bij Bij1.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Cultuur
menu