Herman Sandman schreef de biografie van Pé Daalemmer & Rooie Rinus (en ook een beetje die van zichzelf)

Met Pé en Rinus. De biografie wilde Herman Sandman een serieus verhaal over kleinkunstduo Pé Daalemmer & Rooie Rinus schrijven. Hij voegde er een voorlopige autobiografie aan toe.

Pé Daalemmer en Rooie Rinus tijdens een optreden in Vera in Groningen in 2016.

Pé Daalemmer en Rooie Rinus tijdens een optreden in Vera in Groningen in 2016. Foto: Duncan Wijting

Met twee koffers en gekleed in overalls lopen op een zaterdagmiddag in juni 1980 twee studenten zenuwachtig de Herestraat in Groningen op en neer. Peter de Haan en Frank den Hollander zoeken een plek om liedjes te spelen: Well respected man van de Kinks, It’s now or never van Elvis Presley en Huilen is voor jou te laat van Corrie & De Rekels, maar ook eigen repertoire als Appelscha/Gezina en Lopster toren . De plek wordt gevonden.

Na afloop van hun optreden zijn de mannen zo tevreden dat ze besluiten bij de gemeente Groningen een vergunning aan te vragen om vaker te kunnen spelen. Die krijgen ze, om te beginnen voor de periode tussen 18 augustus en 30 september. Na enige tijd trekt het duo – Pé Daalemmer & Rooie Rinus – zo veel aandacht dat middenstanders beginnen te klagen. Het publiek kan sommige winkels niet meer bereiken.

Anno 2021 mogen Peter de Haan (Loppersum, 1956) en Frank den Hollander (Middelburg, 1957) terugkijken op een bijzondere carrière in de regionale popdiumkunsten, naast hun bestaan als apotheker en bibliothecaris. Beroemd zijn ze nooit geworden, hooguit bekend. In Groningen en Drenthe trekken ze onder verschillende namen volle zalen met muzikale shows die zo lastig te definiëren zijn dat het begrip kleinkunst het meest in de buurt komt.

De biograaf treedt (te) nadrukkelijk naar voren

Herman Sandman schreef de biografie van Pé en Rinus, deels uit fascinatie voor de culturele betekenis van het duo voor Noord-Nederland, deels uit privé-overwegingen. Vertrekpunt is de ontdekking dat zijn oudste zoon en diens vrienden grote delen van het repertoire van Pé en Rinus kunnen meezingen en het besef dat de liedjes van het duo ‘de soundtrack van zijn leven’ vormen.

Het fraai vormgegeven Pé en Rinus. De biografie vertelt wat het duo drijft en hoe het kan ‘dat Groningers nog steeds naar de ticketbalie rennen als hun namen ergens op een affiche staan’. De kortste verklaring voor dit verschijnsel telt vier woorden: toon, taal, energie en humor. Sandman trekt er dik vierhonderd bladzijden voor uit, inclusief een lijst met alle optredens van de twee.

Zelf treedt de biograaf (te) nadrukkelijk naar voren door verspreid over het boek zijn eigen loopbaan te beschrijven – van verlegen scholier in Stadskanaal, via café ‘t Pleintje in Winschoten tot en met columnist en schrijver. Het wordt zelfs zo persoonlijk dat tweemaal wordt gememoreerd hoe hij zich tijdens een interview bij Den Hollander thuis even moet terugtrekken op een onverlicht toilet.

De bijvangst is zeker waardevol

De biografie is gebaseerd op een boodschappentas vol krantenberichten, foto’s, fanmail en correspondentie en een goed georganiseerde internetsite. Daarnaast zijn er interviews met ooggetuigen: familieleden en vrienden, maar ook mensen met wie de twee hoofdpersonen sinds de jaren zeventig hebben samengewerkt. Een bonte stoet Groningse artiesten en cultuurdragers passeert de revue.

Pé en Rinus. De biografie leest daardoor ook als een wie-is-wie in theater Oosterwijtwerd, de plek het duo zaterdag optreedt en waar Sandman zelf vorige week op het podium stond. Die bijvangst is zeker waardevol. Niet eerder werd in een boek een beeld geschetst van de generatie die zich sinds de jaren tachtig in Groningen en omstreken bezighoudt of hield met al dan niet Groningstalige kleinkunst.

Over Pé en Rinus komen we ondertussen veel te weten. Van de brandwond op zijn rug die Peter de Haan op jonge leeftijd opliep tot en met diens blaaskanker. Van het vooruitschuiven van privéproblemen door Frank den Hollander tot en met de cabaretdroom van diens vader.

Ruime aandacht voor de liedjes en teksten

Wat goed is, is de ruime aandacht voor de liedjes en teksten waarvan de biograaf beweert ‘dat iedere noorderling ze uit het hoofd kent’: Hoornse Plas, Z-side, Alcohol, Baukelien, Zundagoavond blues en Framenummer . Wat ook helder is, is de uitleg waar de muziek vandaan komt: ‘Men neme een melodie van een bekend, goed in het gehoor liggend liedje en maakt daar een Gronings/Drents/Fries georiënteerde tekst bij.’

Dat voor dit repertoire de handen in Noord-Nederland op elkaar gaan en daarbuiten niet of nauwelijks, heeft meerdere oorzaken. Sandman wijdt het, ietwat dunnetjes, aan een mentaliteitskloof. De wereld van Pé en Rinus zou het best worden verstaan en herkend in ‘het voormalig land van suikerbiet en strokarton, tegenwoordig van aardbevings en windmolens’.

Freelance bandlid Herman Grimme noemt Pé en Rinus evenwel een ‘uit de hand gelopen studentengrap’. Theatercriticus Jacques d’Ancona stelt dat het ze aan techniek en vakmanschap ontbreekt: ,,Het is sympathiek, leuk, ze doen precies wat het publiek van hen vraagt en je hebt een prima avond als je er van houdt, maar meer gaat het niet worden.’

Die zuinigheid sluit aan bij een omschrijving waarmee Sandman zich als chroniqueur van de volksaard indekt tegen eventueel uitblijven van complimenten voor zijn boek: ‘De communis opinio in het noordoosten van Nederland is dat mensen van complimenten raar gaan doen, kapsones krijgen. De benen moeten op de grond, op het land blijven, want er moet gewerkt worden en iemand met zijn hoofd in de wolken, daar hebben we niks aan.’


Titel: Pé en Rinus. De biografie. Auteur: Herman Sandman Uitgever: AFdH Prijs: 25 euro (462 blz.)

Je kunt deze onderwerpen volgen
Cultuur
menu