Annemarie Kremer doet de zon schijnen na fraaie treurnis bij concert van NNO (★★★★★) | recensie

Corona of niet, het NNO speelt gestaag door. Al mag er nog steeds geen publiek bij. Donderdag stonden er wel twee beroemdheden op het podium: dirigent Hartmut Haenchen en sopraan Annemarie Kremer.

Annemarie Kremer maakte in januari 2019 ook grote indruk bij het NNO. Toen ontving ze het Gouden Viooltje, de belangrijkste klassieke muziekprijs van Noord-Nederland.

Annemarie Kremer maakte in januari 2019 ook grote indruk bij het NNO. Toen ontving ze het Gouden Viooltje, de belangrijkste klassieke muziekprijs van Noord-Nederland. Foto: Mariska de Groot

Het mag zonder meer in de krant: Hartmut Haenchen dirigeerde in Groningen het Noord Nederlands Orkest en Omrop Fryslân en RTV Drenthe zonden het uit, met Cunera van Selm als informatieve presentatrice. In november komt Haenchen terug bij het orkest, dan hopelijk met publiek, maar het podium oogde nu toch sfeervol.

Haenchen heeft als chef-dirigent van De Nederlandse Opera met het Nederlands Philharmonisch Orkest roem vergaard en als dramatische operasopraan heeft Annemarie Kremer (geboren in Emmer-Compascuum) ook de nodige lof geoogst. Nu zij samen met Haenchen voor het NNO stond kwam er evenwel geen opera aan te pas.

Glorieus bij stem

In plaats daarvan zong Kremer korte, voor orkest gearrangeerde liederen: drie van Hugo Wolf, twee van Richard Strauss. Vanaf de eerste noten wisten we zeker dat zij glorieus bij stem was en Haenchen zorgde er overal voor dat het orkest haar niet overstemde – dat deed hij bij zijn Wagneropera’s in Amsterdam ook altijd. Trouwens: Wolfs Anakreons Grab klinkt met orkest nog meer naar Wagner dan in de versie met piano.

Daarop volgde de Zesde Symfonie, ofwel de Pathétique , van Tsjaikovski. Die moet misschien eerder de emotionele of hartstochtelijke symfonie heten, maar bij het orkest stonden alle seinen hoe dan ook op emotie.

Een wondertje aan het einde

Haenchen is inmiddels een gedistingeerde verschijning en zo ging hij ook met die emoties of hartstochten om. Er werd niets overdreven of aangedikt, maar met beheerste gebaren haalde hij alles uit een orkest dat in alle geledingen mooie timbres voortbracht.

Het wondertje geschiedde aan het einde van de symfonie: Kremer kwam al het podium op en de laatste maten van Tsjaikovski’s Adagio lamentoso gingen naadloos over in de vioolsolo waarmee Morgen van Strauss begint. Daarna zong zij de troostrijke woorden: ‘Und Morgen wird die Sonne wieder scheinen’. De Pathétique zou vaker zo mogen eindigen, maar dan moet je er wel telkens zo’n goede sopraan bijhalen.

De gegevens

Gebeurtenis : concert Noord Nederlands Orkest o.l.v. Hartmut Haenchen Met : Annemarie Kremer (sopraan) Programma: liederen van Wolf en Strauss; Tsjaikovski, Zesde Symfonie Gezien : 8/4 De Oosterpoort, Groningen, uitgezonden door Omrop Fryslân en RTVDrenthe Waardering : vijf sterren

Je kunt deze onderwerpen volgen
Cultuur
menu