Geblinddoekt door het Drents Museum. Woorden helpen kunst visueel te maken voor slechtzienden. 'Het maakt niet uit wat ik erin stop, maar wat de ander eruit haalt'

Met een blinddoek om ‘kijken’ naar kunst. Vertegenwoordigers van Drentse musea kregen maandagmiddag een speciale rondleiding door het Drents Museum om te ervaren hoe het is om blind of slechtziend te zijn.

Mensen met een visuele beperking krijgen een rondleiding door het museum.

Mensen met een visuele beperking krijgen een rondleiding door het museum. Foto: Marcel Jurian de Jong

„Ik ben er misselijk van dat ik niets kan zien.” Een blinddoek gaat omhoog. Amper een kwartier ‘kijkt’ het groepje geblinddoekten naar het schilderij Beyond Belief van Deborah Poynton of de eerste geluiden van ongemak klinken al.

De vertegenwoordigers van musea elders in Drenthe ‘bekijken’ schilderijen zonder dat ze kunnen zien. De middag is een initiatief van het Drents museum en de stichting ‘Oren en Ogen tekort’.

Kleuren met woorden

Museumdocent Blue van der Zwan - zonder lap stof voor de ogen - beschrijft op rustige toon wat allemaal te zien is op het schilderij. Het is een groot werk. „Veel groter dan ik ben”, zegt ze. Het is opgedeeld in meerdere panelen. Veel natuur op de achtergrond. Twee naakte mensen op de voorgrond. Een man en vrouw. Zware, rode gordijnen aan weerszijden. Maar ook gekkigheden. Een schaar op de grond. Een opblaasbaar zwembadje. Daarop gekleurde vissen als in een tekenfilm.

Van der Zwan vertelt kalm. Stukje bij beetje kleuren woorden het schilderij in.

Medewerkers volgen cursus

Niet ieder museum in Nederland is even toegankelijk voor slechtzienden. Gebouwen zijn fysiek lastig te betreden, maar tegelijkertijd zijn ook collecties ontoegankelijk. Kijken naar een schilderij zit er niet in en aangezien kunstschatten niet betast mogen worden, lijkt museumbezoek voor deze doelgroep uitgesloten. Onbestaanbaar, vindt het Drents Museum, dat al nodige ervaring heeft met het rondleiden van mensen die slecht of niet kunnen zien. Enkele medewerkers volgden een cursus waarbij ze leerden schilderijen te visualiseren.

Slechtzienden begeleiden is best intiem, vindt Van der Zwan. „Je moet mensen begeleiden door de ruimte en raakt ze daarbij natuurlijk aan. Je moet goed om je heen kijken en verdacht zijn op drempels, verhogingen en trappen.”

‘Wat de ander eruit haalt’

Kijken zonder te zien is een hele opgave, vertelt museumdocent Albert Kool, die de visualisatiecursus volgde. „Over een schilderij kun je uren blijven praten. Maar de één kan vijf minuten informatie verstouwen en heeft dan al een mooi beeld. De ander kan meer details aan.” Belangrijkste les? Geen emotie verwerken in het verhaal. „Laat iedereen maar een compositie vormen in zijn hoofd. Het maakt niet uit wat ik erin stop, maar wat de ander eruit haalt.”

Drents Museum wil eenmaal in de maand een rondleiding voor slechtzienden verzorgen. Tegelijkertijd kan deze doelgroep een bezoek brengen aan het ‘Grootste Poppenhuis van Nederland’ in het museum, waar steeds meer de nadruk wordt gelegd op geur, geluid en aanraking van spullen.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Drenthe
menu