Korfbalclub Eexterveen stopt na 65 jaar en een rijke historie. 'In de eerste jaren moesten we eerst nog de koeienvlaaien van het veld halen'

Korfbalvereniging SPES stopt na 65 jaar in Eexterveen. Zaterdag is hun laatste wedstrijd. Er was dit seizoen nog maar één team actief in de competitie. Voor volgend seizoen zijn er te weinig leden.

Jan Otto Meertens, Willie Meertens en Jan Roelof Vos bladeren samen door oude foto's en halen herinneringen op aan 65 jaar korfbal bij SPES.

Jan Otto Meertens, Willie Meertens en Jan Roelof Vos bladeren samen door oude foto's en halen herinneringen op aan 65 jaar korfbal bij SPES. Foto: DVHN/Wouter Hoving

Maar de herinneringen blijven. Jan Otto Meertens (77) zit samen met zijn vrouw, Willie Meertens (73), en dorpsgenoot Jan Roelof Vos (76), aan tafel. Allemaal hebben ze meer dan 30 jaar bij de club gespeeld. Vos heeft op zijn overhemd een gouden speldje die een speler kreeg als hij 25 jaar actief was bij de club. „Later bleek-ie te duur, werd de speld zilver. Maar ik zit nog net in de categorie goud”, lacht hij. Vos was daarna ook scheids en trainer.

Jan Otto Meertens werd als 12-jarige jongen meteen lid bij de oprichting in 1957. Hij speelde ruim 30 jaar en is tot op de dag van vandaag scheidsrechter. „Ik vind het nog steeds een mooie sport. Mooier dan voetbal. Dat is zo ruw. Dat getrek mag bij korfbal bijvoorbeeld niet.”

Piet en Nel zijn inspiratiebron

Het was schoolmeester Wim Lütter die de korfbalvereniging oprichtte, zodat er een sport kwam waar ook meisjes aan mee konden doen. Dat deed hij in de geest van schrijver Leonard Roggeveen, die tussen 1933 en 1942 schoolboekjes uitbracht over Piet en Nel. In een van die boekjes richten Piet en Nel samen een korfbalclub op. Vos: „Onze schoolmeester dacht: als we iets organiseren waar jongens en meisjes samen aan mee kunnen doen, zal dat de samenhang in het dorp alleen maar versterken.” Lütter bleek een visionair.

Maar er was ook een praktische reden voor de oprichting van de korfbalvereniging: er was wel een grasveld in het dorp, maar voor voetbal had het niet de juiste afmetingen. „Gelukkig maar,” zegt Jan Otto Meertens, „anders was het hier waarschijnlijk, net als op veel omliggende plekken, een voetbalveld geworden.”

Nieuws

Meest gelezen

menu