Koloniën van Weldadigheid benoemd tot werelderfgoed: 'Fantastisch, maar dit is nog maar het begin'

De werelderfgoedstatus van de Koloniën van Weldadigheid wordt in Frederiksoord, Veenhuizen en Wilhelminaoord flink gevierd. Maar het vooruitkijken begint ook al.

Gedeputeerde Cees Bijl laat na de toekenning van de werelderfgoedstatus trots de Unesco-vlag zien aan de zaal in Museum de Proefkolonie in Frederiksoord.  Foto: DvhN

Gedeputeerde Cees Bijl laat na de toekenning van de werelderfgoedstatus trots de Unesco-vlag zien aan de zaal in Museum de Proefkolonie in Frederiksoord. Foto: DvhN

De vergadering van het Unesco werelderfgoedcomité duurt maandag, net als zondag, eindeloos. Om 14.30 uur zit iedereen in Veenhuizen en Frederiksoord opnieuw klaar, maar over allerlei potentiële erfgoederen in Europa wordt lang gewikt en gewogen. Meerdere keren gaat er in Museum de Proefkolonie in Frederiksoord een golf van irritatie door de zaal. Waarom schiet het niet op en doen de Hongaren zo moeilijk?

Champagne

Diep in de verlenging, vlak voor de onontkoombare sluiting om 16.30 uur, komt het verlossende woord alsnog. Binnen een minuut is het beklonken, geen enkel commissielid heeft enig bezwaar: de Koloniën van Weldadigheid zijn definitief werelderfgoed. Vergadering gesloten.

Direct na de benoeming klinkt een groot gejuich. De champagne -net weer terug in de koelkast gezet- kan alsnog uitgedeeld. Het glas van Jan Mensink, oud-directeur van de Maatschappij van Weldadigheid, trilt een beetje. „We zijn hier zo ontzettend lang mee bezig geweest, nu is het eindelijk zover”, lacht hij door zijn emotie heen. „De vergadering liep maar door en door, je zag de voorzitter al op zijn horloge kijken. Maar gelukkig waren er nog een paar minuten over om de Koloniën te behandelen. Geweldig dat het gelukt is.”

Stap twee

Mensinks opvolger, Minne Wiersma, kan niet stoppen met lachen. „Poeh, wat was dit spannend. Nee, niet omdat ik twijfelde of we een positief advies zouden krijgen, maar om de tijd. Op deze manier is de ontlading nóg groter.”

De Koloniën zijn nu onderdeel van de meest prestigieuze erfgoederen van de wereld. Een hele verantwoordelijkheid, weet Wiersma. „Dit was stap één. Nu volgt stap twee, het volgende hoofdstuk. We zijn nu verplicht om ons unieke landschap en het gedachtegoed van de Maatschappij van Weldadigheid te behouden. Door het Unesco-traject hebben we de verstandhoudingen tussen alle overheden, inwoners, boeren en ondernemers enorm verbeterd. Ik heb er alle vertrouwen in dat we op deze voet door kunnen.”

Zo denkt burgemeester Rikus Jager van Westerveld ook over de Unesco-status. „Dit is nog maar het begin. De status zorgt voor naamsbekendheid en enorme kansen voor dit gebied. Financieel-economisch, maar ook sociaal. Als gemeente is het nu zaak nog meer samenwerking te zoeken met onder meer de agrarische sector en ondernemers. Dit kan bijvoorbeeld een prachtige leerschool voor kleinschalige en innovatieve landbouw worden.”

Mooiste dag

Voor er verder gewerkt wordt aan de ontwikkeling van de Koloniegebieden, is het eerst tijd voor feest. „Dit is een van de mooiste dagen in het leven van een burgemeester”, zegt Jager. „Als je zo’n erkenning krijgt, als eerste werelderfgoed in Drenthe, mag je daar even samen van genieten.”

Je kunt deze onderwerpen volgen
Drenthe
menu