NIFP levert rapportages te laat aan; rechtszaken vertraagd en verdachten blijven langer in voorarrest

Een cel. Foto: ANP

Het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie (NIFP) is niet in staat rechters tijdig te voorzien van rapportages. Rechtszaken worden noodgedwongen uitgesteld. De rapportages, bedoeld om een beeld te schetsen van de psychische gesteldheid van een verdachte, laten soms een halfjaar op zich wachten.

,,Uitermate hinderlijk”, zei rechter Herman Fransen onlangs tijdens een zitting van een 33-jarige man uit Emmen. Die wordt verdacht van brandstichting in een appartementencomplex in de wijk Angelslo. Mogelijk kampt de man met psychische aandoeningen, waardoor de brandstichting hem in verminderde mate kan worden aangerekend. Om dit vast te stellen, is een rapportage naar een mogelijke psychische stoornis nodig.

Onnodig lang in voorarrest

,,Zo erg als nu hebben we het nog nooit meegemaakt”, zei rechter Fransen toen hij om deze reden de zaak van de Emmenaar moest uitstellen. ,,Vanwege organisatorische redenen blijven mensen onnodig lang in voorarrest.” Ook de advocaat van deze verdachte reageerde ontstemd: ,,Een behandeling is waarschijnlijk hoognodig, maar nu gebeurt er niets.”

Meerdere zaken zijn om die reden uitgesteld. Op 23 december uitte een andere rechter zijn zorgen of de zaak van een 38-jarige man uit Hoogeveen eind februari wel kan doorgaan, want het wachten is op de rapportage van het NIFP. De man wordt brandstichting in zijn woning aan de Helios verweten. De rechter drukte de officier van justitie op het hart ‘vinger aan de pols te houden om te voorkomen dat de zaak moet worden uitgesteld’.

Tekort aan rapporteurs

Zulke zogenoemde pro Justitia-rapportages worden gemaakt door forensisch gedragsdeskundigen. Dat zijn psychologen of psychiaters die verdachten in afwachting van hun rechtszaak in de cel of elders onderzoeken en een rapport opmaken over de verdachte, hoe het psychisch met hem of haar gesteld is, hoe groot de kans op herhaling is en of een behandeling nodig is.

Het NIFP kampt met een tekort aan rapporteurs, erkent een woordvoerster van het NIFP. ,,De schaarste aan psychiaters en GZ-psychologen is de laatste jaren alleen maar toegenomen.” Hierdoor is het niet mogelijk om de rapportages tijdig aan te leveren.

Het NIFP informeerde afgelopen zomer het Openbaar Ministerie (OM), de rechtspraak en het ministerie van Justitie en Veiligheid over de problemen in het aanleveren van pro Justitia-rapportages. Een tijdelijke maatregel moet voorkomen dat de strafrechtketen verder verstopt raakt. Deze maatregel houdt in dat het NIFP in overleg met het OM bepaalt welke zaken van verdachten die in voorarrest zitten, met voorrang worden opgepakt.

Extra proef

Daarnaast spant het NIFP zich extra in om meer rapporteurs aan te trekken. Om de wachtlijst verder in te laten lopen, wordt voor de mensen die verdacht worden van minder zware delicten, een proef gestart met verkorte rapportages. In dit geval gaat het om een onderzoek, waarbij de verdachte door alleen een psychiater of een psycholoog wordt onderzocht.

Half jaar langer vastzitten

Het OM wil niets zeggen over de voorrangsregel, de proef en het effect hiervan. ,,Het probleem ligt bij het NIFP. Wij voelen niet de behoefte hier iets over te zeggen”, zegt een woordvoerster van het OM.

Strafrechtadvocaat Judith Kwakman reageert: ,,Het is inderdaad voor onze cliënten erg vervelend dat rapportages lang op zich laten wachten. Wanneer een verdachte in voorarrest zit betekent dit dat die inderdaad langer vast blijft zitten”.

De verdachten die niet meer in voorarrest zitten en wel onderzocht moeten worden, moeten soms een half jaar op dit rapport wachten, zegt Kwakman. De proef met de verkorte rapportages is volgens Kwakman nog niet begonnen. Bovendien is de inhoud hiervan nog niet volledig met de advocatuur gedeeld.

Serieus probleem

Het tekort aan rapporteurs is een serieus probleem, blijkt uit diverse reacties binnen en buiten de rechtszalen. De rapporten over de geestelijke gesteldheid van de verdachten zijn nodig om te bepalen welke straf opgelegd moet worden. Kwakman: ,,Want als er twijfels zijn over de diagnostiek of toerekeningsvatbaarheid, dan moet dat goed worden onderzocht. Ongeacht de achterstand.”

Nieuws

Meest gelezen

menu