Noorderlingen steken massaal de grens over voor een goedkope volle tank benzine in Duitsland. 'Dat scheelt toch een tientje'

Bij dit tankstation in Laar, net over de grens bij Coevorden, tanken bijna alleen maar Nederlanders. Foto: DVHN

Langs de snelweg betaal je inmiddels meer dan 2 euro voor een liter benzine en een pomp vinden met een prijs onder de 1,80 euro wordt steeds lastiger. Reden voor veel Noorderlingen om even de grens over te steken naar Duitsland.

Op zaterdagochtend om 10 uur staat er al een kleine rij bij het Raiffeisen Tankstelle in Laar, vlakbij Coevorden. En hoewel dit toch echt Duitsland is, staan er alleen maar Nederlanders in die rij. Want ja, hier betaal je op dit moment 1,64 euro voor een litertje E10. Vier kilometer verderop, in Nederland, is dat 1,83 euro. Op een volle tank van een gemiddelde auto scheelt dat toch een tientje.

Nóg meer Nederlanders dan normaal

Nu de hoge brandstofprijzen volop in het nieuws zijn, letten veel autobezitters nog beter dan anders op waar ze hun auto volgooien. Ook de pompmedewerkster in Laar merkt dat. „We zien hier nóg meer Nederlanders dan normaal”, zegt ze in vlekkeloos Nederlands, zodat ze haar woorden onbedoeld kracht bij zet. „Maar ook hier zijn de prijzen wel wat gestegen hoor.”

Eén voor één rekenen de klanten af. Het is even iets langer wachten dan bij de meeste tankstations in Nederland, maar daar hoor je niemand over. En dat er wat problemen zijn met het pinapparaat, zodat pinnen alleen kan bij bedragen boven de 50 euro, deert ook niemand iets.

„Ik kwam hier altijd al, ook voor de prijzen in Nederland zo hoog werden”, zegt Annemarie uit Dalen. „Ik heb niet precies uitgerekend hoeveel ik bespaar met het verschil, maar ik moet drie keer in de week naar Zwolle, dan scheelt het enorm om hier even te tanken.”

Zo denkt Arjan uit Coevorden er ook over. Net als Annemarie is een tripje naar dit tankstation vaste prik. „We wonen hier tien minuten vandaan, dus het is geen moeite. Eens in de maand gaan we dan ook nog even boodschappen doen in Emlichheim, heel makkelijk. We komen hier eigenlijk alleen maar Nederlanders tegen, haha.”

‘Klopt niet’

Even later komt er een dikke Amerikaanse slee voorrijden. Een Chevrolet. Met zo’n wagen zal hier tanken al helemaal schelen, toch? „Ach”, zegt de bestuurder, „Hij rijdt 1 op 10, dat valt reuze mee. Al die SUV’s die je ziet rijden tegenwoordig, rijden minder zuinig hoor.”

Eens per week komt de liefhebber van Amerikaanse auto’s hier voor ongeveer 75 euro tanken. Achterdochtig over het huidige prijspeil is hij wel.

„Zo’n zes jaar geleden hadden we ook zulke hoge prijzen. Toen kostte een vat ruwe olie 110 dollar, en stond de adviesprijs voor benzine op ongeveer 1,85 euro. Nu kost een vat olie 80 dollar, en betalen we 2 euro. Kloppen doet het dus niet.”

Je kunt deze onderwerpen volgen
Drenthe
menu