Waterberging maakte van het dorre Kloosterveld in Ruinen een bloeiende, natte liefdesheide voor vogels en vlinders

Het waterbergingsgebied Kloosterveld functioneert momenteel optimaal. Foto: Hans Dekker

Nog geen decennium geleden lag het Kloosterveld erbij als een droge akker. Het besluit om er een waterberging van te maken gaf het gebied een metamorfose: het is tien jaar later een nat liefdesparadijs voor de natuur.

Het was vies weer. De storm, de regen, de kou. Maar het was niet voor niets, het Kloosterveld in het Dwingelderveld nabij Ruinen vaart er wel bij. Provincie-ecoloog Hans Dekker straalt ervan als hij op de eerste zonnige dag weer de heide op stapt. ,,Ik heb het water hier nog nooit zó hoog gezien’’, zegt hij enthousiast. ,,Als je hier een drie weken geleden was, was er maar 10 procent van het water dat je nu ziet.’’ Eindelijk kan het Kloosterveld laten zien wat ze waard is, volgens Dekker.

Water wordt trapsgewijs in de heide gehouden

Tien jaar geleden was deze overvloedige waterplas nog een droge, dorre heide. Dat kwam omdat een diepe, zes kilometer lange sloot gegraven om het water af te voeren voor de landbouw, hier de heide leeg trok. In het kader van het Europese project Life werden er miljoenen geïnvesteerd om het Dwingelderveld diverser en natuurrijker te maken. Er werd besloten om de sloot dicht te gooien en het vlakke land weer in ere te herstellen door voormalige diepere gedeelten weer af te graven. Die liepen weer vol met water, dat trapsgewijs via verschillende stuwen en dijkjes in de heide wordt gehouden zodat die kan bloeien.

Dat had een belangrijke reden: de waterberging zorgt ervoor dat het water niet ongecontroleerd naar de Ruiner Aa stroomt. Of zoals Dekker het samenvat: ,,Als we dit niet hadden gehad, had Meppel nu natte voeten.’’ Het leverde niet alleen het praktische nut van droge voeten in de omliggende gebieden, er gebeurde iets dat meer tot de verbeelding spreekt: zeldzame vogels, bedreigde vlinders en lang niet geziene planten doken op in het Kloosterveld en de omgeving.

Paringsdans vroeg dit jaar

,,Oh wacht, ik zie daar twee kraanvogels’’, zegt Dekker terwijl hij direct zijn verrekijker erbij pakt. ,,Machtige vogels met een spanwijdte van wel 2,5 meter’’, zegt hij verrukt. De vogels hebben het hier naar hun zin sinds het zo nat is, omdat ze hun nesten op natte slenken bouwen. ,,Als het te droog is, kunnen de vossen er te makkelijk bij komen.’’ Hij heeft onlangs al foto’s gemaakt van vogels die de paringsdans uitvoeren in het gebied. Een beetje vroeg nietwaar? ,,Klopt, komt omdat het zo’n zachte winter is geweest.’’

Genoeg over kraanvogels, de nattigheid trekt namelijk nog veel meer natuurschoon aan. De zeldzame grauwe klauwwier (vogel) is hier weer gespot, evenals de kievit, de watersnip en de bedreigde vlinder het gentiaanblauwtje. ,,Die stond bijna op uitsterven maar doet het hier nu redelijk goed. De natuur kan zich hier aardig bedruipen.’’


Voor dit veld geldt: hoe natter hoe beter. Overstromen kan het niet, zegt Dekker als hij bij een stuw ziet dat het water 8,7 meter boven het NAP staat. Dekker: ,,Nu kan het Kloosterveld eindelijk functioneren zoals het moet. En dat werkt.’’

Nieuws

menu