Samen met

Invictus | column Roelie Lubbers

Roelie Lubbers. Foto: Mediahuis Noord

De beelden raken me, verhalen van fysiek of mentaal gewonde oud-militairen snijden dwars door de ziel. Ik kijk naar de opening van de Invictus Games in Den Haag met 500 deelnemers uit 17 landen. Ieder met een eigen verhaal, en met de kracht om door te gaan en zichzelf op te richten.
Lees meer over
Coevorder Courant

De dochter van een deelnemer neemt plaats op een geel bankje. Onder de muzikale klanken van de Koninklijke Militaire Kapel Johan Willem Friso draagt zij het gedicht ‘Invictus’ voor van William Ernest Henley: Out of the night that covers me, Black as the pit form pole to pole, I thank whatever gods may be, For my unconquerable soul…

De Engelsman schreef het in 1875 na de amputatie van zijn voet. Dit was het favoriete gedicht van Nelson Mandela en het inspireerde dus ook de Invictus Games. Invictus is onoverwonnen. Symbool voor de vechtlustige geest. Het laat zien wat je, ondanks je beperkingen, kunt bereiken. In the fell clutch of circumstance, I have not winced nor cried aloud, Under the bludgeonings of chance, My head is bloody but unbowed…

Ik spot bekenden. Niet alleen oprichter prins Harry en zijn vrouw Meghan, maar ook leden van het orkest. Omdat de KMKJWF in Coevorden speelt tijdens het Bommen Berend theaterconcert, zijn we namelijk extra betrokken. Mijn gedachten gaan naar de geschiedenis van Coevorden en de tekst op het wapenschild. Multis Periculis Supersum betekent ‘ik overleef ondanks vele gevaren’. Da’s ook Invictus.

Sport, muziek en de woorden van een gedicht. Ze geven kracht, voeding voor blijheid en afleiding van pijn, in elke situatie. It matters not how strait the gate, How charged with punishments the scroll, I am the master of my fate, I am the captain of my soul….

Dit artikel is het product van een samenwerking tussen de redacties van Dagblad van het Noorden en Coevorder Courant

Nieuws

menu