Tom Scheepstra over herdenking rampjaar: 'In 1672 ging Meppel gebukt onder bezetting'

Dit jaar kan gerust worden bestempeld als een rampjaar. Het coronavirus woedt naarstig rond onder de bevolking en legt het land grotendeels lam. Maar in de geschiedenis van ons land zijn meer rampjaren aan te wijzen. Zo ook het jaar 1672. Het jaar 2022, dan 350 jaar na dato, staat in het teken van het herdenken van dat rampjaar. Ambassadeur is Tom Scheepstra uit Meppel (26). „Je hoorde de kanonnen maandenlang bulderen. Het laatste redmiddel was het doorsteken van de dijken. Dat is een film, het is als Hollywood.”

Wreedheden in een boerenhoeve, 1672, anoniem, naar Romeyn de Hooghe, 1673 - 1677
ets en gravure

Wreedheden in een boerenhoeve, 1672, anoniem, naar Romeyn de Hooghe, 1673 - 1677 ets en gravure

Lees meer over
Meppel

1672. Het is de Gouden Eeuw, het zijn tijden van voorspoed. Nederland, dan nog de Republiek, floreert in die jaren. De expansiedrift van het kleine land is enorm. Maar nu keert het tij. De Engelsen, Fransen én Duitsers vallen het land aan. De Republiek wordt grotendeels bezet. „Eén groot rampjaar”, zegt Scheepstra, die geschiedenis heeft gestudeerd aan de RUG. Ook was hij werkzaam bij Paleis Het Loo, provincie Drenthe en Defensie. Nu werkt hij bij Rijkswaterstaat. Daarnaast is hij politiek actief bij het CDA en CDJA. „Het vroegere Nederland moest opboksen tegen die grootmachten. Dat was eigenlijk onmogelijk. Het landje stond er alleen voor.”

Nieuws

Meest gelezen

menu