Gasunie stapt met Shell, RWE en het Noorse Equinor in waterstoffabriek in de Noordzee

Gastransportbedrijf Gasunie wil met Shell, het Duitse RWE en het Noorse Equinor in de Duitse Noordzee een waterstoffabriek bouwen.

Impressie van de waterstoffabriek die het consortium met Gasunie wil bouwen op de Duitse Noordzee.

Impressie van de waterstoffabriek die het consortium met Gasunie wil bouwen op de Duitse Noordzee.

Met een elektrolysecapaciteit van 300 MW willen de bedrijven vanaf 2028 jaarlijks 20.000 ton groene waterstof produceren met elektriciteit van Duitse windparken op zee.

Eerste stap

De concerns hebben hun voornemen voor het zogeheten project AquaSector vastgelegd in een intentieverklaring. De eerste stap is een onderzoek naar de technische en economische haalbaarheid van het plan dat begin 2022 moet zijn afgerond.

De groene waterstof zal in eerste aanleg worden afgevoerd via een nieuwe piipleiding naar Helgoland. Niet veel later moet een nieuwe pijpleiding de waterstof van het eiland naar het Duitse vasteland vervoeren. De initiatiefnemers zien voor Helgoland een belangrijke rol als ’hub’ in een toekomstig Europees waterstofnetwerk.

Tussen Helgoland en Doggersbank

Aquasector maakt deel uit van het Duitse project AquaVentus, dat voorziet in grootschalige productie en transport van groene waterstof. Het doel is dat op de Duitse Noordzee in 2035 windparken met een gezamenlijke capaciteit van 10.000 megawatt voor onder meer de waterstofproductie zijn gebouwd. Die moeten verrijzen tussen Helgoland en de Doggersbank.

Gasunie, Shell, RWE en Equinor vormen met Groningen Seaports ook het consortium achter NortH2, dat - om te beginnen - in de Eemshaven grootschalig groene waterstof wil gaan maken met de duurzame elektriciteit van reusachtige Nederlandse windparken op zee. Volgens een woordvoerder van Gasunie zijn de projecten geen concurrenten, maar staan ze naast elkaar. ,,Er is immers veel waterstof nodig”, zegt hij.

Chemiepark Delfzijl

Daarnaast is AquaVentus in eerste aanleg bedoeld om de industrie in Bremen en Hamburg van waterstof te voorzien. NortH2 richt zich om te beginnen op de industriële clusters in Nederland, waaronder het chemiepark in Delfzijl.

Het voornaamste verschil tussen de beide plannen is de beoogde plek van de waterstofproductie en het transport. NortH2 wil eerst de elektriciteit via kabels naar de Eemshaven transporteren, om daar de groene waterstof te maken. Het Duitse project gaat uit productie op zee, om vandaar de waterstof per pijpleiding aan land te brengen. Die kan daar zo nodig worden omgezet in elektriciteit. Transport van waterstof via een pijpleiding is beduidend goedkoper transport van elektriciteit per kabel.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Economie
menu