Groningen heeft volgens CBS geringste krapte op de arbeidsmarkt, maar: 'Het is niet alleen een probleem van de Randstad'

Het was voor bedrijven zelden moeilijker om personeel te vinden dan nu. Dat blijkt uit cijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dinsdag publiceerde.

Logo van UWV bij een kantoorpand.

Logo van UWV bij een kantoorpand. Foto: Anton Kappers

In het tweede kwartaal van dit jaar was aantal beschikbare banen in Nederland groter dan het aantal werklozen. Voor iedere 100 werkzoekenden waren eind juni 106 banen beschikbaar.

In drie maanden nam het aantal vacatures toe met 81.000 tot 327.000, met afstand de grootste stijging die het CBS ooit vaststelde. Bovendien waren er nog nooit eerder meer dan 300.000 openstaande vacatures in Nederland. De toename vond vooral plaats in handel, zakelijke dienstverlening, zorg, industrie en horeca. De drie eerstgenoemde branches zijn samen goed voor bijna de helft van de openstaande vacatures.


‘Iets gunstiger’

Volgens het CBS gaat de provincie Groningen het minst gebukt onder de krapte op de arbeidsmarkt met 78 vacatures op 100 werklozen. Maar dat is geen reden om opgelucht adem te halen, zegt Jouke van Dijk, hoogleraar regionale arbeidsmarktanalyse aan de Rijksuniversiteit Groningen.

,,Vanuit het perspectief van de werkgever is de situatie in Groningen wellicht iets gunstiger. Je hebt hier misschien iets meer kans om personeel te vinden. Maar uiteindelijke zijn de verschillen in het land klein. Zeker ik de banen waar het om gaat – de zorg en de ICT – is de krapte nagenoeg overal hetzelfde. Het is niet alleen een probleem voor de Randstad.” Met 98 vacatures op 100 banen is Drenthe een middenmoter in de rangschikking van de provincies.

Redelijk snel weer baan

Volgens het CBS telde Groningen in het tweede kwartaal 12000 werklozen en 9400 vacatures. Voor Drenthe waren die aantallen respectievelijk 7800 en 8000. Van Dijk wijst erop dat de genoemde werklozen louter personen zijn met een WW-uitkering die na twee jaar ophoudt. ,,Dat zijn meestal mensen met recente werkervaring die redelijk snel weer een baan krijgen.”

Dat het aanbod van personeel van personeel in Groningen wat lager is, verbaast van Dijk niet. ,,In de regio’s buiten de stad Groningen zie je wat meer lager opgeleiden, overigens net als in bepaalde wijken in de grote steden.”

Volgens hem is het van belang arbeidspotentieel in de categorieën te zoeken die nu vaak buiten beeld blijven. Hij vreest stagnatie van de energietransitie en voor de ambities met groene waterstof, als er geen oplossing komt voor het gebrek aan ‘handjes’.

‘Ze willen best werken’

Hij noemt UWV-cijfers (recenter dan die van het CBS) van de Arbeidsmarktregio Groningen (waartoe ook Noord-Drenthe behoort.) ,,Daar staan 41.000 mensen zonder dienstverband als werkzoekend ingeschreven en 16.000 met een dienstverband, die graag een andere job willen. Daar zou men meer aandacht voor moeten hebben. Die mensen zonder baan zijn vaak niet zo geschoold, maar willen best werken”

Hij denkt dat werkgevers beter moeten kijken naar hun inzetbaarheid en creatiever moeten omgaan met hun organisatie. ,,Ze roepen steeds dat de overheid moet zorgen voor meer goed opgeleide mensen. Maar ze kunnen zelf ook wat doen.” Van Dijk wijst op ‘jobcarving’. Daarbij inventariseert een bedrijf voor welke taken gespecialiseerde mensen nodig zijn en voor welke werkzaamheden minder geschoolde werknemers.

Koffiejuffrouwen en kopieerders

De hoogleraar: ,,We hebben allemaal de koffiejuffrouwen en de kopieerders uit de bedrijven zien verdwijnen, die de gespecialiseerde mensen eenvoudig werk uit handen namen. Die konden zich daardoor beter concentreren op hun eigenlijke werk. Dat moet weer meer gebeuren. We moeten ook niet zo moeilijk doen over arbeidsimmigratie. Er zijn ook genoeg asielzoekers die iets nuttigs kunnen doen. Straks krijgen we hier waarschijnlijk weer Afghanen. Die kunnen ook wat doen. En kijk of er nog iets mogelijk is met automatisering.”

Je kunt deze onderwerpen volgen
Economie
menu