Trots op de 'couleur locale' in Ter Apel. Lokale ondernemers geven winkelcentrum eigen gezicht en zorgen voor grote diversiteit

Veel dorpswinkelcentra hebben prima gedraaid tijdens de coronapandemie. Maar hoe ziet hun toekomst eruit? Kunnen ze hun klanten vasthouden? Wat zijn hun sterke en minder sterke punten? Vandaag: Ter Apel.

Handelsvereniging Mercurius is trots op de 'couleur locale' van het winkelscentrum in Ter Apel.

Handelsvereniging Mercurius is trots op de 'couleur locale' van het winkelscentrum in Ter Apel. Foto: Huisman Media

Bij temperaturen die deze ochtend het tropisch niveau naderen, oogt het stil in het winkelcentrum van Ter Apel. De hitte heeft de 51-jarige Marcel (‘Mijn achternaam mag niet in de krant.’) niet verhinderd zijn dagelijkse boodschappen te doen. Die haalt hij al decennia in het hart van het Westerwoldse dorp. ,,Je hebt hier alles. Het is eigenlijk best bijzonder dat er in een betrekkelijk kleine plaats als Ter Apel zo veel winkels zijn. En er is nauwelijks leegstand. Moet je eens in Emmen gaan kijken…”, zegt hij.

Eigen gezicht

Marcel heeft het winkelcentrum in de loop der jaren fors zien groeien. Het telt nu vier grote supermarkten. Tal van landelijke winkelketens zijn er vertegenwoordigd, inclusief publiekstrekker Action. Voor wie een hapje of drankje wil, is er de nodige horeca. Handelsvereniging Mercurius is trots op de ‘couleur locale’, de lokale ondernemers die het winkelcentrum een eigen gezicht geven en zorgen voor een grote diversiteit van het aanbod. Ze verkopen kleding, bloemen, huishoudelijke artikelen, bijzondere en leuke spulletjes voor in huis.

En het zijn toch echt de bijna 10.000 ‘Troapelers’ die zorgen voor de klandizie voor zo veel winkels. Ze tekenen voor zo’n 85 procent van de inkomsten, zo leert een onderzoek uit 2018. De plaatselijke ondernemers doen ook hun best om het de dorpelingen naar de zin te maken.

Veel evenementen

Campingeigenaar Ronald Hut, vicevoorzitter van Handelsvereniging Mercurius: ,,Je hebt als ondernemer natuurlijk ook een verantwoordelijkheid voor de leefbaarheid in het dorp. Dus we organiseren veel evenementen. De kerstmarkt, het carnaval, de Boeskoolmarkt, Koningsmarkt, Muziek op het plein, we pakken de intocht van Sinterklaas groot aan.” Niet alleen als bestuurslid van de ondernemersclub, maar ook als vorst van de carnavalsvereniging en als de Ter Apeler Sinterklaas draagt Hut bij aan de feestelijkheden.

Met de gemeente werkt Mercurius aan een plan om het centrum weer wat op te fleuren. Uitgangspunt: minder steen, meer groen, sfeer, uitstraling, mooie gevels en ruimte voor voetgangers en fietsers. Een vleugje meer allure past ook wel bij het toenemende aantal bezoekers dat niet uit Ter Apel komt. Voor sommige winkels rijden de liefhebbers graag wat extra kilometers.

Garenwinkel

Neem Garenwinkel ’t Stramien, al ruim dertig jaar het bezit van Grietje Wilken (65). Haar handel in wol, handwerkmateriaal en fournituren is anno 2021 zeldzaam in zijn soort. En dat merkt ze: ,,Mijn klanten komen uit de wijde omgeving”.

En ze verwelkomt er de laatste tijd steeds meer. ,,Door het coronavirus bleven de mensen meer thuis en kennelijk zochten ze iets te doen. Ik heb veel vroegere klanten zien terugkomen. En het lijkt erop dat de jeugd ook weer meer belangstelling heeft voor het handwerken. Vooral het haken van mandala’s (cirkelvormige figuren, red.) is heel populair.”

Steeds meer toeristen

De bosrijke omgeving, de lokale jachthaven, de campings en het 15de-eeuwse klooster lokken ook steeds meer toeristen naar het Westerwoldse dorp. Rianda Grooten (40) merkt dat ook op het terras van brasserie Enjoy waar zij werkt. ,,Veel mensen komen hier voor de rust, om te fietsen, te wandelen of te kanoën. Ook Duitsers die net over de grens wonen komen vaak even op de fiets hier naartoe.”

Het winkelcentrum heeft echter ook een probleem: de zogeheten veiligelanders. Het gaat om een klein aantal asielzoekers uit het plaatselijke asielzoekerscentrum (AZC), kansloos voor een verblijfsvergunning, dat voortdurend rotzooi schopt en steelt.

,,Het is maar een klein clubje”, zegt Mercuriusbestuurder Hut. ,,Het is zo jammer, want Ter Apel heeft ook veel profijt van het AZC (en de verwante instellingen, red.). Het levert ruim over de duizend banen op. Het gros van de bijna tweeduizend bewoners gedraagt zich keurig. Ook zij doen inkopen in het winkelcentrum. De meeste doen niemand kwaad. Heel leuk: ze hebben tijdens de coronacrisis steeds de winkelwagentjes van de supermarkten schoongemaakt.”

Niet alleen kommer en kwel

In het winkelcentrum wordt veel gemopperd over de overlast, maar ook hier zijn de verhalen over de asielzoekers niet alleen kommer en kwel. Rianda Grooten: ,,Ze komen ook wel hier op het terras. Zitten ze in groepjes van vier of vijf mensen gezellig een kopje cappuccino te drinken en wat te kletsen. Wij hebben helemaal geen last van ze.”

Boeskoolmarkt

Het centrum van Ter Apel vormt de laatste zaterdag van september normaal gesproken het decor van de Boeskoolmarkt. Zo’n 150 standhouders komen dan naar het Westerwoldse dorp om er hun waren aan de man te brengen. Traditiegetrouw worden er witte en rode kolen verkocht. De opbrengst gaat naar een plaatselijke vereniging of organisatie. In 2019 was de dertigste editie van de jaarmarkt. Net als in 2020 is er dit jaar vanwege de coronapandemie geen Boeskoolmarkt.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Economie
menu