Maarten van der Weijden: ‘Ik weet nog dat ik droomde dat ik zwom’

Schuurplekken bij zijn ellebogen, een stram lichaam, eindeloos moe, maar toch gaat het ‘the day after’ naar omstandigheden heel redelijk met Maarten van der Weijden. ,,Ik voel me eigenlijk helemaal niet zo verkeerd. Beroerd, maar verder oké."

Maarten van der Weijden met zijn dochtertje vlak voor de huldiging op het Oldehoofsterkerkhof in Leeuwarden. FOTO ANP/REMKO DE WAAL

Maarten van der Weijden met zijn dochtertje vlak voor de huldiging op het Oldehoofsterkerkhof in Leeuwarden. FOTO ANP/REMKO DE WAAL

Van der Weijden heeft zich in drie dagen en twee nachten ,,volkomen leeg’’ gezwommen: hij legde 163 kilometer in 55 uur af. Vanaf Bartlehiem dat hij maandagmiddag passeerde, zwom hij nog door tot Burdaard, waar hij brakend strandde tussen het riet. Een ambulance bracht hem naar het ziekenhuis, waar hij na een infuus met zoutoplossing weer enigszins opknapte. ,,Iemand vertelde me dat ik na Bartlehiem nog een uur heb gezwommen. Hè?, dacht ik. Hoe kan dat nou? In mijn beleving heb ik over dat laatste stuk uren gedaan.’’

Dunne scheidslijn

,,Die laatste fase was sowieso heel raar. Ik weet nog dat ik droomde dat ik zwom. Er was een heel dunne scheidslijn tussen het idee dat ik al aan het einde van mijn tocht was of nog gewoon aan het zwemmen was... ik kan het heel moeilijk beschrijven. Maar ik voelde minder pijn en probeerde daarom in die droomstand te blijven. Tegelijk wist ik dat ik niet weg mocht vallen. Ik begreep ook dat ik langzaam ging. Dat baarde me wel wat zorgen.’’

,,Het is lastig om te bepalen wanneer je gaat stoppen. Ik wou ‘alles geven’. Maar wat is alles? Waar ligt die grens? Daar was ik zelf ook niet mee bezig. Ik was aan het zwemmen. Ik zwem.’’

Tranen in zijn ogen

Zijn arts Marco Blankers moest beoordelen wanneer het genoeg was, wanneer het uiterste was bereikt. ,,Hij zei het tegen me, met tranen in zijn ogen. Bizar voor hem om zo’n keuze te moeten maken. Hij weet wat de consequenties zijn. Maar de afspraak was dat hij voor mijn gezondheid zou staan. Nee, ik baalde niet. Ik was niet teleurgesteld. Het was voor mezelf ook op.’’

,,Ik heb dit nooit bedacht om te laten zien dat ik de Elfstedentocht kan zwemmen. Dat is nooit het doel geweest. Ik wilde geld inzamelen voor onderzoek naar kanker. En daarvoor was ik bereid alles te geven. Dat was het doel. Kijk, het had gekund dat ik Leeuwarden had gehaald, maar nog niet alles had gegeven. Dan was mijn missie niet geslaagd.’’

Steeds drukker

De zwemmer heeft veel meegekregen van de massa’s die hem vanaf de kant aanmoedigden. ,,Ik zag het steeds drukker worden. Ik merkte dat ik het fijn vond om daar aandacht aan te besteden. Weet je, bij de start draaide ik het nummer Space oddity van David Bowie. Dat nummer heeft voor mij te maken met het gevoel dat ik het in mijn eentje moet doen, dat niemand me kan helpen. Maar uiteindelijk hielpen de mensen me tóch. Ik kon steeds even afstand nemen van die interne gedachten en dan voelde ik steun.’’

Dinsdag precies tien jaar geleden won Van der Weijden goud op de 10 kilometer tijdens de Olympische Spelen. ,,Toen vroegen mensen me ook: krijg je steun van het publiek? Dan zeg je van wel, maar dat was niet echt zo. De realiteit is namelijk dat je als topsporter toch vooral met je eigen trucje bezig bent. Dat was nu totaal anders.’’

Eerste nacht de zwaarste

De eerste nacht, van zaterdag op zondag, was de zwaarste. De zwemmer wilde tussen Hindeloopen en Workum stoppen. Hij had teveel pijn en zag er tegenop om op die manier nog 40 uur door te gaan. Zijn vrouw Daisy moest eraan te pas komen om hem op te peppen. Ze dook tegen het ochtendgloren het tentje in waar Van der Weijden al bijna drie uur in zijn wetsuit lag te sippen. ,,Ze heeft gezegd dat ik door moest. ‘Het gaat niet om de eindstreep in Leeuwarden, Maarten, maar om het feit dat er in elke stad weer meer mensen staan’. En: ‘Hoe verder jij komt, hoe meer geld er straks is’, zei ze. ‘De kankerpatiënten hebben er niets aan als jij nu stopt.’’

Vanaf dat moment ging het eigenlijk best goed. Van der Weijden zwom vlotjes door Workum, naar Harlingen en Franeker en ook het eerste deel van de tweede nacht door de ‘hel van het Noorden’ viel hem mee. ,,Daarna werd het gewoon naar.’’

,,Ik heb ten volste proberen te beleven wat er om me heen gebeurde. Ik ben een persoon die veel in de toekomst leeft, maar nu ben ik drie dagen lang heel erg in het moment geweest. Ik zat in een ritme. Hoe verder ik kom, hoe beter. Ik zie wel.’’

Aanwezigheid van Daisy

De aanwezigheid van Daisy was erg belangrijk. ,,Dat is standaard toch?’’, zegt hij. ,,Als het leven het zwaarst is, ga je naar mensen toe die het dichtst bij je staan. Twee van mijn vier coaches zijn mijn beste vrienden. Want op een gegeven moment zit ik echt niet meer op zwemtips te wachten.’’

,,Sport - en zeker ultrasport - kan vaak iets zijn dat onmenselijk wordt. Er is geen ruimte voor twijfel of voor falen. Maar het is in het leven nu eenmaal zo dat dingen niet altijd lopen zoals je wilt. Daar zijn we denk ik altijd heel open, eerlijk en transparant over geweest. Het was niet zeker of ik Leeuwarden zou halen. Of Dokkum. Of Sloten. ‘Het halen’ betekende ‘alles geven’. Ik heb het gehaald.’’

Lees meer verhalen over de zwemtocht van Maarten van der Weijden op www.lc.nl .

Je kunt deze onderwerpen volgen
Extra
menu