Directeur stichting Leergeld: ‘Een school is geen reisbureau’

Verre en dure schoolreizen, naar bijvoorbeeld China, zijn steeds meer aan de orde van de dag op middelbare scholen.

De aard van schoolreizen verandert. Veel, ver en duur wordt steeds vanzelfsprekender, merkt directeur Gaby van den Biggelaar van Leergeld Nederland. „Daar moet je over nadenken.”

China, Cambodja, Ghana, Zimbabwe. Zomaar wat bestemmingen op het schoolreizenprogramma van middelbare scholen in Groningen. De grens ligt vaak al lang niet meer bij een meerdaagse excursie naar Londen of Berlijn.

Dat stemt tot nadenken, vindt Van den Biggelaar. Volgens de directeur van Leergeld Nederland, de stichting die financieel bijspringt om kinderen uit minimagezinnen te laten meedoen aan binnen- en buitenschoolse activiteiten, klinkt in steeds meer gemeenten de roep om paal en perk te stellen aan reizen die niet voor iedereen betaalbaar zijn. In Groningen maant de PvdA-fractie het stadsbestuur tot actie.

Schoolreis streeft zijn doel voorbij

„Is het echt nodig om naar Rome te vliegen en daar in een hotel te overnachten?”, vraagt fractievoorzitter Carine Bloemhoff zich af. „Of kun je ook met een bus gaan en bij gastgezinnen verblijven?”

Van den Biggelaar valt Bloemhoff bij. De reis wordt steeds meer een doel op zich, stelt ze, waarbij vergeten wordt waarvoor zo’n reis oorspronkelijk is bedoeld: kinderen die niet logischerwijs in aanraking komen met landen waarvan ze de taal of geschiedenis leren, de kans geven zo’n land een keer te bezoeken.

Van den Biggelaar. „Een school is geen reisbureau. En elke school zal zeggen: wij willen niemand buitensluiten. Maar met reizen naar China of Amerika doe je dat toch. Niet iedereen kan mee. Als je denkt dat een reis van educatieve waarde is, dan geldt dat voor iedereen. Waarom zou je dan als school zulke reizen organiseren?”

Zelf sparen voor Zimbabwe

Om leerlingen verder te laten kijken dan hun neus lang is en ze laten nadenken over thema’s als duurzaamheid en armoede, betoogt economiedocent en teamleider Karel Karsten van het Maartenscollege, met vestigingen in Haren en Groningen. In februari vertrekken twintig leerlingen voor twee weken naar Zimbabwe. Kosten: 1490 euro.

Geld dat ze zelf bij elkaar verdiend hebben, benadrukt Karsten. „De reis is extra, los van de standaard schoolreizen die er zijn naar onder meer Berlijn en Praag. Voor de Afrikareis kunnen leerlingen zich inschrijven, waarna een sollicitatie volgt. Ze weten ook dat ze er zelf voor moeten sparen. Dat maakt zo’n reis een stuk waardevoller dan wanneer die is gefinancierd door ouders.”

Bij het Dollard College in Oost-Groningen staat voorop dat alle leerlingen meegaan, zegt Harko Barla, vestigingsdirecteur in Oude Pekela. De school organiseert voor tweedeklassers een survivalweek in de Ardennen en voor derde- of vierdeklassers een trip naar Tsjechië. Verdere bestemmingen zijn niet aan de orde, zegt Barla.

„Ontwikkelingswerk in Ghana of scholieren die naar Indonesië gaan, ik heb het allemaal wel eens gehoord. Je merkt dat het steeds gekker wordt, scholen maken er goede sier mee. Maar hier beginnen we er niet aan. Er is hier ook geen vraag naar, dat kan natuurlijk op andere plekken anders zijn.”

Nieuws

Meest gelezen

menu