Discotheek Pruim in Zevenhuizen, wie kwam er niet? Altijd artiesten, altijd gratis entree, altijd druk | De verdwenen discotheek

Discotheken bepaalden nog niet zo heel lang geleden het uitgaansleven. Veel mensen tussen de 30 en 70 jaar hebben herinneringen aan die oude disco’s. Ze gingen er op stap, maakten er vrienden en werden er verliefd. Deze zomer zet Dagblad van het Noorden tien bekende discotheken uit Groningen en Drenthe in de schijnwerpers. Vandaag Pruim in Zevenhuizen.

Discobus bij Pruim Zevenhuizen, 1991.

Discobus bij Pruim Zevenhuizen, 1991. Foto: Provincie Groningen/Jur Bosboom

Rockband Normaal trad die avond op in de tent bij discotheek Pruim in Zevenhuizen. Het was feestweek en dan was het er avond aan avond volle bak. Het moet 1999 zijn geweest, gokt oud-eigenaar Louwe Pruim en hij had 40.000 gulden neergeteld voor de boerenrockers uit de Achterhoek. De tent was afgeladen vol, het bier stroomde rijkelijk.

Pas de avond erna ontdekte Louwe Pruim hóeveel bier hij in de tent had verkocht. Van de twee biertanks met beide 5000 liter was de ene schoon leeg, de andere bevatte nog een bodempje van 800 liter. ,,Die avond was er weer een optreden in de tent, dus ik ging rondbellen, in de hoop op een nieuwe tank. Dat lukte niet. Toen heb ik het personeel opdracht gegeven bier te tappen in de discotheek en met volle dienbladen naar de tent te lopen. Om 2 uur ’s nachts was alles op en stapten de mensen over op cola-berenburg. Wat een tijden.’’

Van kroegtijger tot feestbeest

Louwe Pruim (68) is wars van pochen en borstklopperij. Maar Pruim, de discotheek die hij samen met zijn broer Geert begon, dat was een zaak om u tegen te zeggen, zo een was er niet in het Noorden. Uiteindelijk telde de discotheek acht verschillende ruimtes, met voor elk wat wils − van kroegtijger tot feestbeest. Het publiek kon kiezen waar het welke muziek wilde horen en bij welke van de 18 barretjes het drank wilde bestellen.

Hij spreekt in de verleden tijd, want in 2007 kreeg hij bezoek van een man uit Hoofddorp die de discotheek koste wat het kost wilde kopen. Alles is te koop, zei Pruim en ging verder waar hij mee bezig was. Een week later stond de man opnieuw op de stoep, dit keer met zijn halve familie. Binnen een paar weken was de koop rond, Louwe Pruim was een gefortuneerd en tevreden man.

Desolate ruïne

Dat is hij nog steeds, al spijt het hem voor Zevenhuizen dat het na zijn vertrek snel bergafwaarts ging met de discotheek. Binnen de kortste keren na de overname was een zaterdagavond druk als er 400 bezoekers waren, waar hij er altijd 2500 binnen had. Anderhalf jaar na de verkoop doofden de lichten van Pruim en sindsdien raakte het ooit glorieuze bedrijf in verval tot de desolate ruïne die nu rest.

 

De grootouders van Louwe Pruim hadden al een dorpscafé, aan de Haspel, net buiten Zevenhuizen. Zijn ouders openden in 1962 een cafeetje met danszaal aan het Hoofddiep, middenin het dorp. Louwe, zijn broers en zusje wisten niet beter dan dat moeders overdag achter de toog stond, hun vader ’s avonds. ,,Wij sliepen boven de jukebox, nu nog hoor ik Spiegelbeeld van Willeke Alberti.’’

Toen al waren er feesten in de achterzaal. André van Duin en Rita Corita traden er in 1963 op voor 75 gulden. De Golden Earrings (nog met s) trokken veel publiek, net als Cuby.

Saturday Night Fever

Louwe solliciteerde in zijn leven eenmaal en dat was na zijn mavo-diploma bij de bank. Hij werkte er 16 jaar, leerde er naar eigen zeggen een hoop, net als zijn broer Geert. ,,Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan’’, zegt hij. ,,In het begin boekte m’n pa de bands voor de feestweek, maar op mijn 16de begon ik artiesten te bellen. Muziek is mooi.’’

In 1980, het woord discotheek bestond amper, bouwden hij en Geert de achterzaal om tot disco Jan Pruim & Zonen. ,,Allemaal gebaseerd op die film Saturday Night Fever . Al die lampen, al dat geluid. Dat kunnen wij ook, bedachten we.’’ Hij grinnikt. ,,We gingen in de weer met zwarte verf, timmerden wat barretjes en een dansvloer in een hoekje, veel schoon metselwerk. Heel eenvoudig allemaal. Maar van niets werd het iets. Na een paar maanden zat de loop erin en al die jaren daarna ging de omzet recht omhoog. We verkochten heel veel bier.’’

Het geheim? Hij weet het niet precies. ,,Je moet ideeën hebben en thema’s. We bouwden nog een barretje en een piratencafé. Een draaiende dansvloer ook. Voor de opslag van de biervaten bouwden we een schuur van 10 bij 30 meter. Doe Maar zou in die schuur optreden, maar helaas gingen ze toen uit elkaar. Maar André Hazes hadden we, Drukwerk, Vanessa, de Dolly Dots. Je moet ervoor zorgen dat iedereen binnenkomt, vandaar dat we altijd gratis entree hadden, hoe duur de bands ook waren.’’

 

Auto-ongeluk

In 1990 namen Louwe en Geert de zaak van hun ouders over, vast van plan om er een droomdiscotheek van te maken. Maar enkele maanden later kwam de 33-jarige Geert om het leven bij een auto-ongeluk, vlakbij Zevenhuizen. Louwe gooide het bijltje er niet bij neer, integendeel. ,,Wij hadden een droom: Pruim groot maken. Ik dacht: Geert jongen, ik ga die droom waarmaken.’’ Hij zegt: ,,Ik ben niet gelovig, maar ik ging wel eens naar zijn graf om bij wijze van spreken even met hem te overleggen. Wat zouden we samen gedaan hebben? We waren beiden ambitieus, we hadden geld en ideeën.’’

Hij bouwde de discotheek verder uit, keek op de discobeurs in het Italiaanse Rimini de kunst af, investeerde in lasershows, in dj’s, in een countrybar en bouwde in 1996 de kasteelzaal, compleet met ratten en ridderpakken aan de muren. ,,We zijn heel groot geworden in de jaren 90, ik had op zeker moment wel veertig of vijftig man personeel. Ik was de baas en de dj of de portier had niks meer te vertellen dan de glazenhaler.’’

En Louwe Pruim deed alles zelf. Van de elektriciteit tot de uitbreidingen, van de aanleg van het enorme parkeerterrein en muurtjes metselen tot artiesten boeken. De hele week, als Pruim dicht was, was hij daar druk mee; in het weekend was hij als eerste in Pruim en ging er als laatste weg. ,,Ik organiseerde de muziek, zat voor het druk werd even met het personeel. Sommige mensen − de dj’s, het barpersoneel, het schoonmaakteam − bleven wel 20 of 25 jaar voor me werken.’’

Hij had al nieuwe plannen voor de discotheek, toen ‘er vogels boven het nest hingen’, zoals hij de gretige kopers noemt. Hij zou de nieuwe eigenaar drie maanden op weg helpen, maar na de eerste avond kreeg Louwe Pruim te horen dat hij niet meer nodig was. ,,Prima. Was ik ook eens vrij in het weekend’’, zegt hij daarover.

 

Zwarte Cross-achtig

Hij viel niet in het beruchte zwarte gat, hij miste de discotheek niet. Nu, 14 jaar na dato, denkt hij erover om zijn herinneringen op papier te zetten. Volgend jaar is het 60 jaar geleden dat zijn ouders de zaak begonnen, een mooi moment voor een boek, vindt hij. Want wat heeft hij een hoop beleefd, avonturen die hij aan Pruim te danken heeft. ,,En aan mijn ouders, mijn broer en zus en onze gezinnen. Zij, het personeel, de artiesten en de discogangers hebben Pruim groot gemaakt.’’

,,Bij mij mocht alles en kon alles. Ik had gerust Herman Brood en Gert & Hermien op dezelfde avond. En op een keer zegde de Golden Earring af wegens ziekte. Toen heb ik de New Adventures snel geregeld, op voorwaarde dat ze met het nummer Come on begonnen, want dat lijkt op Radar Love van The Golden Earring. Hele tent op z’n kop, terwijl ik tien keer zo weinig had betaald.’’ Hij lacht de lach van de koopman.

,,Ik zou het absoluut weer doen’’, zegt hij resoluut.

Of hij de loop in discotheek Pruim had weten te houden? Hij twijfelt. ,,Tegenwoordig zit de jeugd elkaar te versieren op hun telefoon. Er gaat toch niks boven live, denk ik dan. Ik denk dat ik het ook moeilijk had gekregen, maar ik was een eind gekomen. Pruim was de populairste disco van het Noorden en ik had er met meerdere tenten een soort festivalterrein van willen maken. Zwarte Cross-achtig. Elk weekend. En net als altijd afsluiten met Het laatste rondje van André Hazes.’’

 

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen
menu