Dit is Pieter Versloot, de eerste stadspredikant van Groningen. Bescheiden stoer, dat is de nieuwe rol van de kerk

De kerk heeft als opdracht om vrede te brengen, rust, en recht waar onrecht is. Niet slechts voor zondagse bezoekers, maar voor de hele maatschappij. Dominee Pieter Versloot gaat daar de komende drie jaar mee aan de slag; hij is Groningens eerste stadspredikant.

Dominee Pieter Versloot wordt Groningens eerste stadspredikant.

Dominee Pieter Versloot wordt Groningens eerste stadspredikant. Foto: Geert Job Sevink

Zelf hoorde hij het kloppen aan de kerkdeur niet, in eerste instantie. Het was zomaar een doordeweekse dag, ergens vorig jaar. Dominee Pieter Versloot (50) zat boven in de Martinikerk aan de Grote Markt, verdiept in het een of ander. Pandbeheerder Jan Haak kwam hem uit z’n werk trekken. ,,Kun je even beneden komen? Er zijn hier vrouwen die graag willen dat je voor ze bidt.’’

De vrouwen - Rotterdams, een oude dame, haar twee dochters en een kleindochter - hoorden niet bij de protestantse kerk. Ze geloofden niet eens echt ergens in, vertelden ze de dominee, tenminste, meestal niet. Maar nu lag de man van één van de dochters hier in Groningen op een corona-afdeling, zwaar ziek. De dokters wisten niet of hij nog beter werd.

Ze hadden Google Maps tevoorschijn gehaald en gezocht naar ‘huis van god, Groningen’. Ze waren van Martiniziekenhuis naar Martinikerk genavigeerd, hadden geklopt en geklopt tot de deur van het slot ging. Ze hadden God nodig. Letterlijk zeiden ze: ,,We hebben iemand nodig die meer kan dan wij.’’

Dominee voor de Martinikerk én de hele stad

,,Wat ik doe in zo’n geval, is eerst goed luisteren en dan samen bidden’’, zegt Versloot. ,,Niet expres in Jip-en-Janneke-taal, maar gewoon zoals ik het altijd doe. Ik bid en ik ben er.’’ Naderhand zijn de problemen niet zomaar weggesmolten. De man met corona was niet plotsklaps beter. Maar zijn familieleden gingen lichter bij Versloot weg dan ze waren gekomen.

De kerk is er niet alleen voor de mensen die er iedere zondag een uur komen zitten; geen privé-eiland met een monopolie op God, losgezongen van wat er in de omringende straten en huizen gebeurt. De kerk zoals Versloot die voor zich ziet, is een heilige plek voor heel de stad en bovenal een instituut dat helpt. Hij gaat dat drie jaar lang uitdragen als Groningens eerste stadspredikant.

Hij blijft ook de ‘gewone’ predikant van de Martinikerk, waar hij ‘s zondags de diensten leidt. De rol als stadspredikant is er meer eentje naar buiten toe, een brug tussen de kerk en de maatschappij. Het is een initiatief van de vijf Groningse Wijkgemeenten die samen de Protestantse Gemeente Groningen vormen, verbonden met de landelijke Protestantse Kerken in Nederland (PKN). Ze hebben het niet helemaal zelf bedacht; in een aantal andere steden, waaronder Amsterdam en Assen, zijn al stadsdominees actief.

Bescheiden stoer

,,We zijn met de PKN aan het nadenken over onze rol in de stad’’, zegt Versloot. ,,Hoe zijn we hier aanwezig, hoe kunnen we de verbinding meer opzoeken? Er was een tijd dat de kerk een machtig, invloedrijk instituut was. Zo gaat het nooit meer worden. Maar met het clubje dat we hebben, kunnen we wel verschil maken in de samenleving.’’

Thema’s genoeg waar de kerk aan het werk kan, vindt Versloot, waar onrecht te bestrijden valt. ,,Armoede, klimaatverandering, asielzoekers in nood. Het woord zegt het letterlijk, hè, ‘onrecht’, het is krom. Als je iets een beetje kunt rechtbuigen, dan doe je goed werk. Deze wereld is door God gemaakt en wij hebben de opdracht om ervoor te zorgen.’’

‘Bescheiden stoer’, zo noemen de Groningse PKN-kerken hun nieuwe rol: we zijn misschien niet groot, maar je zult ons wél horen. Om dat bescheidene is Versloot eigenlijk niet rouwig, het past hem juist wel. ,,Heeft met de aard van het beestje te maken. Ik hoef niet zo nodig de grote meneer op de voorgrond te zijn’’, verklaart hij, in een gemakkelijke stoel in zijn thuiswerkkamer in de Van Starkenborgh-buurt.

Eén wand van de kamer is van vloer tot plafond met boeken gevuld, zo hoog dat je de bovenste alleen met een laddertje bereikt. Boeken zijn zoals goede vrienden, vindt Versloot: ,,Soms moet je een bepaald werk even zien, even spreken’’, zegt hij; lichte stem, zachtaardige glimlach. ,,Ik las als kind al alles wat los en vast zat. Tegelijk was ik graag actief bezig, over de hei hollen of ergens aan sleutelen. Je hebt het allebei nodig, binnen en buiten. Een goede dominee is niet alleen maar een boekenwurm.’’

Wat is een dominee, stads- of anderszins, dan wel?

Bidden voor vrede

,,Een dominee bidt’’, zegt Versloot. ,,Dat ga ik doen, voor de stad, er weer mee beginnen. Ik deed het vroeger wel vaker, maar de klad is er een beetje in gekomen.’’ Hij bidt dan voor vrede; niet de afwezigheid van oorlog, maar vrede in de bijbelse zin van het woord. Heelheid, harmonie, herstel. ,,Dat iedereen voor zover mogelijk in vrede met elkaar leeft, en dat we daar als kerk aan mogen bijdragen. Er is zoveel polarisatie in de samenleving. Misschien kunnen we groepen weer samenbrengen.’’

Een dominee leest ook de bijbel. Dat wil Versloot samen met andere Groningers doen. ,,In een open bijbelklas. Eén keer per maand in de Martinikerk, bijvoorbeeld. Als er maar vijf mensen op af komen, vind ik al het prima.’’

Toch zou de animo best eens groter kunnen zijn. Hij krijgt geregeld mailtjes en belletjes, van mensen die de bijbel tegenkomen - in kunst, in de kerkjes die ze bezichtigen op vakantie - maar niet goed begrijpen. ,,Kan ik bij jou niet leren bijbellezen, vragen ze dan.’’

Nou, dat kan dus. Versloot wil geïnteresseerde Groningers graag laten kennismaken met de verschillende bijbelboeken. ,,Er staan zulke uiteenlopende genres in: liederen, proza, profetieën. Neem de scheppingsverhalen aan het begin. Die zijn van een schoonheid die zó ver uitstijgt boven die ordinaire hoe-ging-het-nou-vragen.’’

Op zoek naar iets hogers en groters

Versloot doet ook al een paar jaar iets dat niet iedere dominee doet: biechtspreekuur houden, op woensdagmiddagen in het boter- en broodhuisje naast de Martinikerk. Iedereen die dat wil, mag kan dan bij hem z’n verhaal kwijt. Versloot luistert, bidt en is er. De meeste mensen worden er, net zoals die Rotterdamse vrouwen, lichter van.

,,Het heeft me zwaar verbaasd hoeveel mensen het afgelopen anderhalf jaar bij de kerk aanklopten’’, merkt Versloot op. ,,In wanhoop zoeken mensen kennelijk iets groters en hogers dan zijzelf. Hoe dat kan?’’ Hij denkt even na. ,,Ik weet het eigenlijk niet. Ik wil niet zeggen dat Groningers religieuzer zijn dan ze zelf denken - maar de functie van stadspredikant komt absoluut voort uit een behoefte die we om ons heen zien.’’

Mogelijk breidt Versloot het woensdagprogramma uit met een middaggebed, rond lunchtijd. ,,Ik zie vanuit de kerk dan altijd mensen hun pauzerondjes wandelen door de binnenstad. In plaats van een wandeling kun je even in de kerk komen zitten. Mooie muziek luisteren, tot rust komen, en iets meekrijgen van iemand die ons allemaal te boven gaat.’’

Wat het allemaal moet opleveren, de komende drie jaar? ,,Dit klinkt misschien flauw’’, zegt Versloot, die er een beetje om moet lachen, ,,maar daar heb ik eigenlijk niet zo’n vastomlijnd beeld van. Ik ga gewoon beginnen en ik laat het maar gebeuren. Het groeit hoe dan ook wel ergens naartoe.’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen
menu