Groepsimmuniteit blijft achter in Groningen, Drenthe en Friesland. Meeste mensen in Noorden wel beschermd tegen corona

De groepsimmuniteit tegen het coronavirus blijft in Groningen, Drenthe en Friesland enkele procenten achter bij de rest van Nederland, blijkt uit onderzoek van bloedbank Sanquin.

Het onderzoek van bloedbank Sanquin naar groepsimmuniteit tegen het coronavirus, met rechtsonder de meest recente cijfers.

Het onderzoek van bloedbank Sanquin naar groepsimmuniteit tegen het coronavirus, met rechtsonder de meest recente cijfers.

Het verschil is zo klein dat virologen zich geen zorgen maken. Ook in Noord-Nederland is een meerderheid van de bevolking inmiddels beschermd tegen het virus doordat het lichaam antistoffen heeft aangemaakt. Soms doordat iemand Covid-19 heeft gehad, maar tegenwoordig veel vaker doordat iemand gevaccineerd is.

Het Noorden heeft al de gehele coronacrisis minder besmettingen, waardoor wat minder inwoners van Groningen, Drenthe en Friesland antistoffen hebben. Daarentegen is de opkomst voor de vaccinaties in het Noorden wat hoger. Het leek er in april nog op dat Noord-Nederland daardoor het verschil in groepsimmuniteit aan het inlopen was. Dat blijkt nog niet gebeurd.

Groepsimmuniteit geen beleidsdoel

Het verschil in groepsimmuniteit is klein maar toch opmerkelijk. Vorig jaar werden tijdens de discussie over groepsimmuniteit na een toespraak van premier Rutte ook al zorgen geuit over de mogelijkheid dat Noord-Nederland wat achter zou blijven in de mate van groepsimmuniteit.

Rutte en RIVM-baas Jaap van Dissel stelden destijds dat het nastreven van groepsimmuniteit weliswaar geen beleidsdoel was maar een bijkomstigheid. Doordat het niet lukte het coronavirus totaal uit te bannen in Nederland bleven er telkens besmettingen komen, met als bijeffect dat langzaam maar zeker een deel van de bevolking antistoffen opbouwde tegen het coronavirus.

Die opbouw van immuniteit door de epidemie te laten voortsudderen ging echter veel te langzaam om echt ‘groepsimmuniteit’ op te leveren, en leidde bovendien tot veel ziektegevallen. Pas sinds de vaccinaties op gang zijn gekomen vanaf begin dit jaar, begint er in Nederland echt groepsimmuniteit te ontstaan.

Strenge maatregelen minder nodig

Bloedbank Sanquin houdt al sinds het begin van de coronacrisis door bloedonderzoek bij hoeveel antistoffen zijn donors hebben. Het onderzoek van Sanquin komt goed overeen met een ander antistoffen-onderzoek van de RIVM en geldt daardoor als betrouwbaar. Uit het Sanquin-onderzoek blijkt dat Nederland hard op weg is naar groepsimmuniteit, waardoor strenge maatregelen tegen verspreiding van het coronavirus steeds minder nodig zijn.

De groepsimmuniteit is in het meest recente onderzoek van Sanquin voor heel Nederland in de eerste week van juni gegroeid naar 59,9 procent. Maar het varieert per regio wel van 64 procent in Zuid-Nederland tot 57 procent in Noord-Nederland. Viroloog Hans Zaaijer van Sanquin stelde eerder in Nieuwsuur dat we hard aankoersen op de volgens hem benodigde 67 procent immuniteit; hij verwachtte dat we die half juli kunnen bereiken.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen
Coronavirus
menu