Kamervragen na onduidelijkheid over verschillende soorten versterking

Carla Dik-Faber (ChristenUnie). Foto: ANP

Carla Dik-Faber en Stieneke van der Graaf (beiden ChristenUnie) zijn ongerust over de verschillende manieren waarop woningen in het aardbevingsgebied worden versterkt. Ze hebben schriftelijke vragen gesteld.

De ongerustheid ontstond na een werkbezoek van de Tweede Kamerleden aan Groningen. De vragen zijn gericht aan minister Eric Wiebes van Economische Zaken en Klimaat en minister Raymond Knops van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Ze willen onder meer weten hoe de versterking erop dit moment voorstaat, maar de vragen zijn ook specifiek. Zo willen de Kamerleden weten hoe het kan dat er in het dorp Overschild drie regimes voor de versterking gelden.

Overschild heeft te maken met drie soorten versterking

In Overschild vallen een aantal woningen onder de ‘batch 1588’, een lijst met 1588 woningen die in 2017 zijn geïnspecteerd en waar al een versterkingsadvies voor is uitgegeven. Weer andere woningen zijn in de ‘batch 1467’ ingedeeld. Deze huizen zijn in 2016 onder de loep genomen. Van deze woningen is ook vastgesteld dat ze versterkt dienen te worden. Dan zijn er ook nog huizen in de ‘batch 3260’, het buitengebied: woningen met een zogenaamd licht verhoogd risicoprofiel.

Dik-Faber en Van Der Graaf zijn van mening dat al die verschillende soorten regimes onwenselijk zijn en willen hierover duidelijkheid van de ministers.

Leegstaande huurwoningen

De vragen gaan daarnaast ook over leegstaande huurwoningen in het aardbevingsgebied. Wooncorporaties zijn bezig met het slopen en herbouwen van huizen, waardoor woningen niet bewoond worden. De Kamerleden willen weten of dit ook gevolgen heeft voor de gemeentelijke financiën.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen
menu