Prijswinnaar Mark Mobach onderzoekt in welke gebouwen wij ons het prettigst voelen

Mark Mobach geportretteerd vanaf de Van OlstToren van de Hanzehogeschool Groningen. Foto: Peter Wassing

Met een multidisciplinaire aanpak ook als onderzoeker echte en blijvende impact hebben op de samenleving, daar is het Mark Mobach, lector Facility Management aan de Hanzehogeschool Groningen om te doen. Op 12 november won hij de eerste Deltapremie voor toegepast onderzoek en daarmee een half miljoen euro voor zijn lectoraat.

Ieder decennium een nieuwe mijlpaal voor Mark Mobach (53), lector Facility Management aan de Hanzehogeschool Groningen. In 1999 behaalde hij cum laude zijn doctoraat bedrijfskunde van de Rijksuniversiteit Groningen, tien jaar later verscheen zijn boek Een organisatie van vlees en steen. Nu is het 2019 en mag hij zich tot één van de twee eerste ontvangers van de Deltapremie, een prestigieuze prijs voor toegepast wetenschappelijk onderzoek, rekenen.

Verbetering

De rode lijn in zijn (academische) werk is het willen optimaliseren van de wisselwerking tussen wat mensen doen en de ruimtes waarin ze dat doen: Facility Management . Een relatief jong vakgebied, de term kwam eind jaren tachtig overwaaien uit Amerika, dat groeit in populariteit (en aantal studenten). „In het lectoraat Facility Management van de Hanzehogeschool doen wij onderzoek op het snijvlak van ruimte en organisatie. In wezen heeft elke organisatie een gebouwde omgeving die invloed heeft op hoe wij de wereld om ons heen beleven.”

Het uiteindelijke doel van de onderzoekers is dat mensen zich prettiger gaan voelen in de ruimtes waar ze zijn. Onderzoek kan in dat geval meer doen dan alleen verklaren wat het effect van een bepaalde ontwerpkeuze is. Het is ook een manier om verbetering te realiseren. Mobach: „De beleving van de eindgebruikers, de mensen, is het doel in al het onderzoek wat wij doen.”

Innovatiewerkplaatsen

Daarom stimuleert Mobach zijn collega-onderzoekers en studenten om multidisciplinair en ontwerpgericht onderzoek te doen. „Op die manier kan je echt impact hebben op de samenleving. In Facility Management komen bedrijfskundig ontwerpen en ruimtelijk ontwerpen (architectuur) natuurlijk samen, maar wij proberen onze studenten ook te leren zien wat een kunstenaar kan toevoegen aan een oplossing”, legt hij uit.

De kern van het lectoraat Facility Management zijn vier innovatiewerkplaatsen van de Hanzehogeschool: Healthy Workplace , Health Space Design , Healthy Cities en Campus Design . Een innovatiewerkplaats is een netwerk van bedrijven, overheden en kennisinstellingen gericht op open innovatie. Mobach: „Daar wordt multidisciplinair onderzoek verricht met een ‘grote O’ (door lectoraatsleden) en onderzoek met een ‘kleine o’ (door studenten). Studenten en onderzoekers van andere opleidingen zoals (interieur)architectuur, bouwkunde, kunsten, toegepaste psychologie en vastgoedmanagement zijn daar structureel bij betrokken.”

Eer

Aan voorbeelden geen gebrek: Hoe richt je ruimtes en de dienstverlening in ziekenhuizen in om afscheid nemen van een familielid op een prettige manier mogelijk te maken? Waarom is er een groot verschil tussen hoe schoon de stations en treinen in Nederland daadwerkelijk zijn en hoe schoon treinreizigers denken dat ze zijn? Hoe richt je de openbare ruimte in om gezond gedrag te stimuleren? Het zijn vragen die meerdere domeinen raken. Dat Mobach daar impact kan realiseren, van openbaar vervoer tot de (geestelijke) gezondheidszorg, leverde hem volgens de jury van de Deltapremie de prijs op. „Dat is een enorme eer”, aldus Mobach. „Het is een erkenning van onze werkwijze, bewijst dat we impact hebben en het doet iets voor de bekendheid van het vakgebied.”

Schommels en piano’s

Mobach noemt de stationspiano’s en de telefoon-oplaadpunt-schommels op Utrecht Centraal als voorbeelden van de invloed van het vakgebied waar hij zoveel passie voor heeft. „Deze twee voorbeelden laten zien dat je door onderzoek te doen naar de beleving van mensen in een bepaalde ruimte iets kan veranderen en dat dat een effect heeft. We mogen best meer naar buiten treden en laten zien dat wij de oplossingen voor de latente behoeftes waarin nog niet wordt voorzien in huis hebben, maar dan moeten we die behoeftes wel identificeren”, vertelt hij. Daarom wordt nadrukkelijk de samenwerking met het bedrijfsleven gezocht.

Mobach: „De vragen uit het werkveld zijn belangrijk als startpunt, want dan ontstaat ook de mogelijkheid om de opgedane kennis toe te passen.” Schuurt dat niet met de academische integriteit van het academisch onderzoek? „Voor de onderzoeksagenda zetten wij de deur open, maar invloed op de uitvoering van een onderzoek zal een bedrijf nooit krijgen.”

Nieuws

Meest gelezen

menu