Verzoening na dodelijke crash op A7

De Zwollenaar (75) die op 3 augustus 2015 een dodelijk verkeersongeval veroorzaakte op de A7 bij Joure toonde zich zeer bewogen met de nabestaanden van het 67-jarige slachtoffer uit Groningen. Na afloop omhelsden ze elkaar. De officier van justitie eiste de maximale werkstraf van 240 uur.

Nietsvermoedend reed de Zwollenaar met zijn Opel Movano-bus vanuit Heerenveen op het verkeersplein Joure af. De radio stond aan en de bestuurder zong luidkeels mee met Bløf: ,,Laten we dansen, m'n liefste, dansen aan zee’’. De man schatte gisteren in de rechtbank dat hij zo’n 100, 120 kilometer per uur gereden moet hebben. Destijds mocht dat ook nog op die plek, maar er was weer eens sprake van filevorming. Verschillende auto’s hadden de knipperlichten aangezet, maar dat was de Zwollenaar ontgaan, ook omdat hij enige tijd op de linker rijstrook achter een witte bestelbus had gereden. Die bleek ineens verdwenen.

Tevergeefs

,,Plotseling zag ik die zwarte auto voor me’’, vertelde de verdachte. ,,Toen ben ik vol in de remmen gegaan.’’ Tevergeefs. Hij knalde bovenop de nagenoeg stil staande zwarte Honda die vervolgens over de kop sloeg en nog een auto, een Skoda Octavia, raakte. De bestuurder, een 67-jarige Groninger, kwam door de botsing om het leven. Zijn 10-jarige kleinzoon die ook in de auto zat, bleef ongedeerd. Twee inzittende van de Skoda raakten gewond.

De verdachte kende de situatie, reed regelmatig over het verkeersplein, ook omdat hij als koerier zo’n drie dagen per week op pad was. Er waren geen bijzondere omstandigheden zoals een felle zon of een nat wegdek en hij had ook geen haast. Waarom hij niet tijdig op de file anticipeerde, kon de verdachte dan ook niet verklaren. ,,Daarom zit ik nog altijd met het gevoel: hoe kon het in Godsnaam dat ik niet gezien heb dat zoiets aan de hand was. Ik pas me meestal aan aan de situatie, maar dat heb ik op dat moment niet gedaan.’’

Opzet

De verdachte handelde niet met opzet, maar er is wel sprake van verwijtbare schuld, aldus officier van justitie Roelof de Graaf, omdat de verdachte ,,aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend’’ had gereden. De Zwollenaar had een te hoge snelheid en hield onvoldoende afstand, stelde de officier. De eis - een werkstraf van 250 uur en een rijontzegging van twaalf maanden - moet volgens De Graaf niet alleen beschouwd worden als straf voor de dader, maar ook als signaal naar alle chauffeurs van Nederland, ,,alle potentiële daders’’.

Advocaat Dick Pieter Poppe vond dat zijn cliënt moest worden vrijgesproken, onder meer omdat uit het dossiers niet bleek hoe hard hij precies had gereden. ,,Hij heeft geen schuld in de zin van de Wegenverkeerswet, maar hij voelt zich wel schuldig. Zijn straf is dat hij moet leven met het feit dat door zijn toedoen iemand is overleden.’’

Kippenvel

De verdachte richtte zich in zijn slotwoord nog tot de nabestaanden. Hij zei dat hij de gedachte nauwelijks kon verdragen dat zij verder moesten zonder echtgenoot, vader en grootvader. ,,Ik leef dagelijks met hem in gedachten.’’ Na afloop van de zitting zochten de nabestaanden toch nog even contact en omhelsden de verdachte.

Officier de Graaf had kort daarvoor nog gezegd dat hij goede herinneringen had aan het contact met de nabestaanden. Hij kreeg zelfs ,,een beetje kippenvel’’ toen hij een bedankkaartje onder ogen kreeg van de weduwe van de overleden Groninger. Een foto van een opgaande zon, gemaakt op de ochtend na het fatale ongeval. ,,Een positieve boodschap’’, aldus De Graaf, ,,er is altijd een nieuwe dag.’’

Uitspraak: 21 maart

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen
menu