Belangrijke zandplaten in de Eems kleiner door hoger water (en de stijging van de zeespiegel)

Door de stijging van de zeespiegel worden belangrijke zandplaten in de Dollard steeds kleiner. Ze kunnen het hogere waterpeil niet bijbenen en groeien te weinig aan.

Donkere wolken pakken zich samen boven de Eems Dollard. De kwaliteit van het gebied staat onder grote druk.

Donkere wolken pakken zich samen boven de Eems Dollard. De kwaliteit van het gebied staat onder grote druk. Foto archief Jan Zeeman

Twee grote zandplaten in de Dollard, Hond en Paap, beide tussen de Eemshaven en Delfzijl gelegen in de Eems, staan onder toenemende druk. Door hogere golven en onvoldoende aanvoer van nieuw zand steekt steeds minder van de zandbanken boven water uit. Vogels kunnen er daardoor bij laagwater minder gebruik van maken om naar voedsel te zoeken. Dat blijkt uit onderzoek voor het Eems Dollard programma.

Door de klimaatverandering is het water in de Dollard sinds 1971 drie graden warmer geworden. Door die temperatuurstijging wordt de zeespiegel steeds hoger. Bij Delfzijl is de waterstand sinds 1890 met 20 cm gestegen. Dat is meer dan bij Den Helder (15 cm) en Harlingen (13 cm).

Bodemdaling

De grotere waterstandstijging bij Delfzijl hangt samen met de komvorm van het estuarium, de ligging ten opzichte van de overheersende windrichting en de bodemdaling. Die is bij Delfzijl zo’n 24 centimeter, vooral door de gaswinning. De verwachting is dat daar nog zeker 10 centimeter bij komt.

Het KNMI voorspelt overigens dat de zeespiegel in de komende eeuw sneller zal stijgen, met nog eens 26 tot 82 cm.

De stijgende waterspiegel en de toenemende temperatuur van het zeewater hebben ook gevolgen voor de ecologie van het gebied. Die staat toch al onder druk doordat het water van de Eems veel te troebel is, een gevolg van het vele baggeren in de havens en de vaargeul. Elk jaar wordt er tussen de 8 en 12 miljoen kuub slib opgebaggerd. De modder wordt op 11 plekken in de omgeving gestort. De komst van de RWE kolencentrale heeft er toe geleid dat er in de Eemshaven meer gebaggerd moet worden. De centrale gebruikt zoveel koelwater dat er meer slibrijk water naar de haven stroomt.

Afgenomen

Voor veel dieren is de Eems niet meer geschikt als leefgebied. Zo blijkt dat het aantal schelpdieren fors is afgenomen. Er zijn nauwelijks nog schelpenbanken. Proeven om mosselbanken te herstellen hebben wisselend succes. Doordat het water troebel is groeien algen moeizaam in de rivier, bij gebrek aan voldoende licht. Ook veel vissoorten houden het er voor gezien. Er zwemmen maar weinig soorten en dan ook nog vaak in geringe aantallen.

Toch is het gebied voor sommige soorten nog steeds belangrijk als opgroeigebied. Dat geldt onder meer voor haring, wijting, kabeljauw, tong en schol. Ze hebben daar meer kans op overleving dan op open zee. Voor trekvissen is de Eems Dollard een veelgebruikte route tussen hun paai- en opgroeigebieden.

Belangrijk

Ook voor vogels is het gebied van betekenis. Zo zit zo’n driekwart van de zwarte ruiters, een steltloper die broedt op de toendra in het hoge Noorden, tijdens de trek in de Eems Dollard.

Er wordt al jaren geprobeerd om de kwaliteit van het gebied te verbeteren, onder meer door het slibgehalte van het water te verlagen. Dat slib kan nuttig worden toegepast voor het verhogen van dijken, het ophogen van landbouwgronden en het maken van bouwblokken.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen
menu