NPO zoekt nabestaanden van twaalf veroordeelde Pekelder stakers die NSB-burgemeester Heeg in 1943 met zwierige zwaai in het Pekelder Diep gooiden

De werkgroepleden Albert Leutscher en Jetse Woltjer vóór de deur van het voormalige gemeentehuis in Nieuwe Pekela. Door deze deur werd NSB-burgemeester Heeg naar buiten gesleurd. Foto: Johan de Groot

BNN/VARA, onderdeel van de Nederlandse Publieke Omroep (NPO), maakt de komende tijd een driedelige documentaire over de landelijke april/mei-staking die in het oorlogsjaar 1943 plaatsvond. De makers spitsen hun beelden nagenoeg helemaal toe op de ontwikkelingen die destijds in Nieuwe Pekela plaatsvonden. Hier werd de plaatselijke NSB-burgemeester Heeg gemolesteerd. De NPO wil in contact komen met de nabestaanden van twaalf veroordeelde Pekelder stakers. De opnames worden volgend jaar mei uitgezonden.
Lees meer over
Pekela

Aanleiding tot de staking was de oproep eind april 1943 van de Duitse bezetter aan alle Nederlanders die aan het begin van de oorlog in mei 1940 waren gemobiliseerd. Ze zouden opnieuw tot krijgsgevangenen worden gemaakt en vervolgens worden afgevoerd. Voor de Hollanders was deze oproep de bekende druppel. De steeds brutere maatregelen van de bezetter werden door de Hollanders niet langer gepikt. Overal braken stakingen uit. Zo ook in Nieuwe Pekela.

De mensen hier duldden niet dat er ergens nog werd gewerkt. In diverse plaatselijke fabrieken werden arbeiders die nog wel aan de slag waren verjaagd en bij meerdere NSB-ers werden de ruiten ingegooid. Onder druk van de NSB-burgemeester Heeg werd op de secretarie van Nieuwe Pekela eveneens doorgewerkt. Een menigte stakers die zich voor het gemeentehuis had verzameld gaf de burgemeester een kwartier de tijd om de ambtenaren naar buiten te laten gaan. Dat gebeurde echter niet, waarop het gebouw werd bestormd.

Heeg werd in het Pekelder Diep gegooid

De medewerkers werden weggejaagd en Heeg werd naar buiten gesleurd met om zijn nek de kapot geslagen lijst waarin het portret van Mussert, landelijk leider van de NSB had gezeten. Met een zwierige zwaai werd Heeg vervolgens in het Pekelder Diep gegooid. De burgemeester mocht pas weer de wal opklimmen nadat hij zijn NSB speldje had afgeworpen en ‘Oranje boven’ had geroepen.

Woedende Duitsers zetten nog dezelfde dag een groep links en rechts opgepakte burgers in de cel. De daders van het molest zaten er echter niet bij. Uit wraak zou de volgden dag een groep van twintig Pekelders worden gefusilleerd. Mede op aandrang van Heeg ging de executie niet door. In een later stadium werden twaalf vermeende daders gearresteerd. Een Duitse rechtbank veroordeelde ze tot lange straffen. De groep, die enkele jaren in diverse werkkampen verbleef, overleefde in z’n geheel de oorlog. In bijna alle gevallen echter mentaal en of fysiek beschadigd.

Namen en geboortedata

De namen en geboortedata van het twaalftal luiden als volgt: Lammert Siepel 12 oktober 1920, Jozef Prins 2 september 1918, Albert Meijer 30 december 1925, Gezinus Eggens 21 november 1917, Jacobus Cornelissen 21 mei 1914, Harm Roelf Ots 21 april 1921, Jan Eppo Hulzebos 12 februari 1925, Hendrik Hulzebos 12 november 1919, Fedde Bareld Slotegraaf 26 april 1921, Jan de Boer 19 juni 1922, Harm Hermanus Sanders 8 oktober 1911 en Hugo Prins 15 november 1892.

Contact opnemen

Nabestaanden van genoemde twaalf die aan de documentaire willen meewerken kunnen contact opnemen met Albert Leutscher, via 06-1377437 of via secretariaat@kapiteinshuis.nl .

Twee andere leden van de werkgroep zijn Jetze Woltjer en Feike Oppewal, beiden uit Nieuwe Pekela.

Nieuws

menu