Nu is het heel gewoon dat we met één druk op de knop de lamp aandoen, maar 'pas' 85 jaar geleden zag heel Pekela het licht

De Lichtjesfabriek. Foto: Stichting De Roegbainders

De Pekelder Stichting De Roegbainders heeft veel materiaal van Aalje Tiktak in hun archief. Tiktak was geschiedenisleraar en hij legde als historicus de geschiedenis van gemeente Pekela vast. De stichting is bezig het materiaal van Tiktak te digitaliseren, zoals zijn epistel over het Gemeentelijk Elektriciteitsbedrijf.
Lees meer over
Pekela

Nu, in 2022, is het heel gewoon dat we met één druk op de knop ‘s avonds in een zee van licht zitten. Dat dit niet altijd zo was blijkt uit een koopakte van een woning uit 10 februari 1913. De hoogste bieder Klaas de Groot, koopman in Nieuwe Pekela kost destijds het dwarshuis tegenover de hervormde pastorie voor 2800 guldens, met inbegrip van veertien raamhorretjes en een elektrisch geleiding met één lamp. Het grootste deel van de mensen behielp zich toen nog met de aloude petroleumlamp.

De oude Harmannus Jans Klasen, die op 11 december 1912 op 91 jarige in het huis overleed kon slechts vier jaar van de nieuwe vorm van verlichting profiteren, want pas in 1908 werd het voor de Pekelders mogelijk om de stroom van ‘de elektrisch fabriek’ in Veendam te betrekken.

Gemeentelijk Elektriciteitsbedrijf

De gemeente Nieuwe Pekela richtte voor dit doel het Gemeentelijk Elektriciteitsbedrijf op. Dat gebeurde in 1908. De stroom kwam via een bovengrondse leiding over Ommerlanderwijk en de Doorsnee binnen in het transformatorhuis op perceel Doorsneeweg 1, waar ook de woning van de directeur Stolper en de werkplaats van het bedrijf was gevestigd.

Het Gemeentelijk Elektriciteitsbedrijf deed weldra goede zaken. De Pekelders zaten namelijk te springen om licht. In 1910 waren er al 192 aansluitingen, in 1928 loopt dit op tot 1043. Tegelijk met de aanleg van de aansluitingen op het elektrisch net probeert Stolper ook zijn apparaten, zoals strijkijzers, te slijten en met succes. In 1910 had hij er vier verkocht en in 1928 al 735. Dat Pekelder energiebedrijf niet alleen verantwoordelijk was voor de installatie, maar ook een verkoopafdeling had, behoeft geen betoog.

Dit alles legde de Pekelder bevolking geen windeieren, want jaarlijks kon er ongeveer een bedrag van 4000 gulden (nettowinst) op de conto van de gemeente worden bijgeschreven. En dit ondanks grote investeringen, zoals het ondergronds maken van de leidingen en de bouw van een drietal transformatorhuizen.

Donkere wolken pakken zich samen

Ondanks al het licht pakten toch omstreeks 1930 donkere wolken zich samen boven het Gemeentelijk Energiebedrijf. De Provincie Groningen wilde de stroomleverantie in handen hebben. Directeur Stolper zag de bui al hangen en kocht zich uit, om zijn kwaliteiten als zelfstandige ondernemer in Veendam voort te zetten. Daar dreef hij, tot zijn gewelddadige dood door de bezetter, in de oorlogsjaren een goed florerende zaak in sanitair en aanverwante artikelen. Zijn opvolger was de heer Van der Veen.

Nog enige tijd rekken

De gemeente Nieuwe Pekela trachtte nog enige tijd het bestaan van het Gemeentelijk Elektriciteitsbedrijf te rekken. Dit lukt tot 1935, waarna de Provincie het bedrijf overnam van de gemeente voor een bedrag van 125 gulden per aansluiting. Er waren toen 1120 woningen op het net aangesloten.

De heren Te Bos (monteur) en Starke (boekhouder) werden aangesteld bij het Provinciaal Elektriciteitsbedrijf, terwijl er voor directeur Van de Veen een wachtgeldregeling kwam. Hij vertrok later naar Veendam waar hij een sigarenzaak begon.

Het Provinciaal Elektriciteitsbedrijf begon met de ombouw tot 220 Volt. In 1937 was dat proces voltooid, het laatst aan de Zuidwendingerweg. Toen was ook elk huis in de gemeente op het elektriciteitsnet aangesloten.

Nieuws

Meest gelezen

menu