‘Twijfel houdt mij op de been’. Boek, cd en expositie ter gelegenheid van 60ste verjaardag kunstenaar Gert Sennema uit Grijpskerk

Kunstenaar Gert Sennema in zijn atelier in Grijpskerk bij het beeld van een jongetje dat hij vervaardigde. Koos Bijlsma

Op 26 februari wordt de bekende Grijpskerker beeldhouwer-musicus Gert Sennema 60 jaar. Op de dag van zijn verjaardag verschijnt een boek over zijn leven en werk van de hand van zijn nicht, kunsthistoricus Marije Sennema, getiteld ‘Reliekhouder van verhalen’.
Lees meer over
Westerkwartier

Die dag komt ook zijn zesde cd uit met eigengemaakte liedjes in het Westerkwartiers. Sennema nam de cd op met zijn band Westkantstad. Bij kunstgalerie Peter ter Braak aan de Noorderhaven in Groningen gaat vanaf eind deze maand tevens een expositie van start, waarin werk van de afgelopen drie jaar van de kunstenaar is te bewonderen.

U hield onlangs voor 60 dorpsgenoten een lezing in de kerk waarin u bent opgegroeid. Hoe was voor u dit weerzien met de kerk?

,,De kerk is een natuurlijke omgeving voor mij. Tot m’n 18de ging ik ‘s zondags met mijn ouders trouw naar deze gereformeerde kerk. Ik was net afgestudeerd aan de kunstacademie toen ik een kunstwerk mocht maken dat voorin het liturgisch centrum staat. Dat voelt vertrouwd.’‘


Hebt u het geloof vaarwel gezegd?

,,Ik zie mezelf als agnost. Ik geloof niet meer in zeg maar de God van Abraham, Izak en Jacob. De twijfel overheerst. Toch voel ik me cultureel nog altijd sterk verbonden met de kerk en het christelijke gedachtengoed. M’n voorgeslacht stak haar hele ziel en zaligheid in het geloof. Dat gaat terug tot de 18de eeuw in Friesland. Daar kom je niet zomaar los van. Dat wil ik ook niet. Ik ben geen revolutionair. Trouwens zelf ben ik ook in de kerk gedoopt en getrouwd. Ook m’n kinderen zijn er gedoopt en m’n ouders zijn vanuit de kerk begraven. Pa en ma putten bij het sterven veel troost uit hun geloof. Dat vond ik fantastisch.’‘


Hoe kwam u ertoe kunstenaar te worden?

,,Ik kreeg beeldende kunst min of meer van huis uit mee. Mijn grootvader en bet- en betovergrootvader waren huisschilders die bij winterdag kunstschilder waren. Mijn opa brak met deze traditie maar zette zijn creativiteit in als conferencier. Hij luisterde meer dan 150 bruiloften op met liedjes en sketches (meest in het Westerkwartiers).


Waarom koos u na de middelbare school niet meteen voor kunstacademie Minerva?

,,Omdat ik bij Minerva werd afgewezen. Dat was voor mij echt een deceptie. Daarom deed ik eerst de lerarenopleiding om daarna alsnog op Minerva te belanden, die ik in twee jaar afrondde. Jarenlang stond ik voor de klas en werkte in m’n vrije tijd als kunstenaar. Tot mijn vader die de boekhouding voor mij deed mij liet weten: ‘de baan als leraar kun je opgeven want voor de financiën hoeft het niet meer’. Ik sta nu nog drie dagdelen per week voor de klas. Alle resterende tijd is voor mezelf en om aan m’n opdrachten te werken.’‘

Hoe gaat u als beeldhouwer te werk?

,,De meeste van mijn beelden hak ik uit het hout van een boom. Splijt maar eens een boom en er ontvouwt zich een wereld die wij niet kennen. In opdracht van de gemeente Assen heb ik uit een beuk die op de Brink in de Drentse hoofdplaats stond, een mythologisch figuur gemaakt van twee meter hoog. De man draagt stenen bij het beklimmen van een berg. Mijn beelden gaan doorgaans een jaar of tien mee. Door de werking van weer en wind gaan de werken vaak hard achteruit. De werken van mij die op Ameland staan is een iets langere levensduur beschoren dankzij de conserverende werking van de zeewind op het eiland.’‘

Hoe frustrerend is dat de werken die u maakt bijna net zo eindig zijn als het menselijk leven?

,,Daarover ben ik niet gefrustreerd hoor. Het is een les in nederigheid en sterfelijkheid.’‘

Uw beide ouders zijn overleden. Hoe kijkt u op hun levens terug?

,,M’n beeldhouwwerk is beïnvloed door de dood van mijn ouders. Na het overlijden van m’n moeder in 1993 op 57-jarige leeftijd - ik was toen 30 - maakte ik uit hout een gedekte tafel met twee borden en bestek. Mijn moeder zorgde altijd voor het eten. Met deze vorm druk ik de warmte uit die zij bracht in ons gezin. In 2001 overleed van mijn vader toen hij 70 was. Sinds het overlijden van mijn vader houd ik me bezig met het beeldhouwen van menselijke figuren. Zelf ondervond ik veel troost na de dood van mijn ouders in de muziek van Bach. Die muziek is helend en louterend. Zonder Bach had ik het sterven van pa en ma niet kunnen verwerken.’‘

Hoe planmatig werkt u als kunstenaar?

,,Ik ben een twijfelaar. Op geloofsgebied geldt dat maar als kunstenaar ook. Er zijn dagen dat ik ‘s morgens in m’n atelier stap zonder een idee te hebben wat ik ga doen. Zo’n atelier is net een soort laboratorium. De twijfel hierover kan uren duren. Maar dat is functioneel. Want vanuit die twijfel kom ik vrijwel altijd tot het scheppen van dingen. De twijfel houdt mij als kunstenaar op de been zeg maar. Eerlijk gezegd kan ik soms wel eens jaloers zijn op collega’s die planmatiger te werk gaan.’‘

Hoe veelzijdig bent u als kunstenaar?

,,Beroepsmatig ben ik beeldend kunstenaar. Maar ik doe ook veel aan muziek. Ik speel gitaar en zing in mijn eigen band Westkantstad. Alle muziek die wij maken, componeer ik zelf. Ook de liedjes schrijf ik zelf: de meeste in dialect. In mijn jeugd speelde ik al graag liedjes van Neil Young en Bob Dylan. De liedjes op al m’n cd’s schreef ik in het Westerkwartiers. Het dialect hoort bij deze streek. Als ik de liedjes zou schrijven in het Nederlands, laat staan in het Engels heb ik veel minder om te vertellen.’‘

Nieuws

menu