De vakantie is helaas voorbij, maar dan kan je wel weer in je eigen bed slapen | column Marjan Koekoek

Marjan Koekoek

Marjan Koekoek

Het kussen lijkt niet te willen wat ik wil. Ik duw er nog eens een nieuwe vorm in, maar het levert geen rust op. Twee weken lang viel ik zonder problemen in slaap. Maar vannacht wil het niet lukken.

De ademhaling naast me leek al een hele tijd regelmatig. Maar ineens hoor ik de man zuchten. Draaien. Dan draai ik toch ook maar weer om. Zachtjes hoor ik: „Kan jij ook niet slapen?”

„Nee. Waar lig jij aan te denken?”

„Ach.... aan het werk. Wat ik moet doen. En zo.”

Ik heb echt geen slaapprobleem. Maar toch valt het me op dat ik op vakantie beter slaap. En ook veel makkelijker een dutje doe, zo na het middageten of even soezen in de zon bij het meer. Heerlijk. En dan ook ’s avonds weer gewoon slapen. Niks wat me bezighoudt, hooguit de vraag wat we morgen gaan doen.

Vannacht weet ik al wat we morgen gaan doen. We rijden terug naar huis. De vakantie is over. „Ik heb koude voeten”, zeg ik en steek een plagerig been naar de andere kant van het bed. „Kom dan even tegen me aan liggen”, zegt hij.

Even aarzel ik. Dit vakantiehuisje heeft een lits-jumeaux. Aparte matrassen, met zo’n gapende kloof. Nou ja, je moet er iets voor over hebben. Zo liggen we een tijdje. Hij comfortabel, ik boven een grand canyon. De warmte van zijn lichaam is troostend. Maar ik voel randen en de diepte onder me. En tussen de losse dekbedden kiert de koude lucht. Dan rol ik toch maar terug naar mijn eigen helft.

Oké, morgen is de vakantie voorbij. Maar in je eigen bed slapen heeft ook voordelen.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Columns
Column
menu