Het is nog in de eerste helft van Nederland - Oekraïne als commentator Frank Snoeks 'restverdediging' zegt. Ik heb dat woord nooit eerder gehoord | Column Herman Sandman

Portret Herman Sandman

Portret Herman Sandman Foto: Marcel Jurian de Jong

Het is nog in de eerste helft van Nederland - Oekraïne als televisiecommentator Frank Snoeks ‘restverdediging’ zegt. Ik heb dat woord nooit eerder gehoord, terwijl ik aardig wat voetbalwedstrijden kijk.

Maar dat ‘restverdediging’ past in de trend om een gebeurtenis, ontwikkeling of verschijning en alles daarbij te vatten in één woord, zodat iedereen meteen weet wat bedoeld wordt.

De ex-militair uit Venlo die twee jaar geleden in een groenstrook op een sissende granaat ging liggen heette meteen ‘granaatligger’.

Uiteraard levert de coronapandemie de nodige samenstelwoorden op, zoals ‘hoestschaamte’. Maar ik heb sowieso het idee dat het iets van de laatste jaren is. De samenleving is ingewikkelder geworden. Of we willen zelf graag moeilijk doen.

Wellicht is het andersom: dat we gemakzuchtig zijn geworden en geen zin meer hebben om zinnen uit te spreken, of alles voor de zoveelste keer uit te leggen. Dus zeggen we ‘onderbroekdoucher’, ‘nahuwelijk’, ‘vishond’ en zelfs ‘toeterturk’.

De oogst van zomaar een moment op Twitter was ‘mondkapjesplicht’, ‘hondvriendje’ en ‘zomersneeuw’. Wat stond voor neerslag van zaadpluis van wilgen en populieren.

Dat ‘restverdediging’ van Snoeks betekent overigens niet veel meer dan dat er bij een aanval een paar man achterin moeten blijven. Ook weer moeilijk doen om iets wat vroeger gewoon naar ons werd geschreeuwd: ,, N ait allemoal noar veuren !’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Columns
menu