DVHN commentaar | We moeten ons onverminderd blijven inzetten voor Afghanen die worden onderdrukt. Niet ter bescherming van westerse belangen, maar ter verdediging van universele waarden

Nu de Taliban terug aan de macht is, is het verleidelijk om te concluderen dat ‘we’ ons niet meer moeten bemoeien met brandhaarden elders. Maar is dat wel verstandig?

Afghanen dragen de nationale vlag door de straten van Kabul om de Onafhankelijkheidsdag te vieren, 19 augustus 2021.

Afghanen dragen de nationale vlag door de straten van Kabul om de Onafhankelijkheidsdag te vieren, 19 augustus 2021. EPA/STRINGER

Aan het einde van de eerste aflevering van de documentaireserie Afghanistan. The wounded land wordt verteld dat Sovjet-leider Breznjev in december 1979 zijn troepen opdracht geeft om de Afghaanse hoofdstad Kabul binnen te vallen. Doel is ‘de zittende president om te brengen en de orde te herstellen’.

Nu het nieuws wordt gedomineerd door een nieuwe machtsovername in Kabul, met paniek en een vluchtelingenstroom tot gevolg, kan het geen kwaad de vraag te stellen wat onder ‘de orde’ in Afghanistan moet worden verstaan. Al meer dan veertig jaar wordt in het land gevochten, door binnen- en buitenlandse strijdkrachten. Al die tijd is meer afgebroken dan opgebouwd.

Als er een orde zou bestaan, is dat er niet een zoals wij in het Westen graag zien. De Amerikanen wisten dat al in de jaren tachtig, toen krijgsheren van wapens werden voorzien om de Sovjet-Unie een eigen Vietnam-conflict te bezorgen. Ze merkten het opnieuw toen de regering Bush na 11 september 2001 besloot troepen naar Afghanistan te sturen om Al Qaida-leider Bin Laden te doden.

De afgelopen twintig jaar is de indruk gewekt, ook door inzet van het Nederlands leger, dat in Afghanistan een stabiele natie kon worden opgebouwd. Het is inderdaad zo dat de bevolking, vrouwen voorop, meer vrijheden hebben mogen genieten. Maar de recente snelle opmars van de Taliban en het tempo waarin vrijheden worden teruggedraaid, maakt pijnlijk duidelijk hoe weinig het Westen van de grond heeft gekregen.

Het is verleidelijk hieraan de conclusie te verbinden dat ‘we’ ons niet meer moeten bemoeien met brandhaarden elders, omdat ‘wij’ de problemen in landen als Afghanistan toch niet kunnen oplossen. Een beleid dat neerkomt op isolationisme, zoals dat in toenemende mate wordt gevoerd door de Verenigde Staten, zou in dat geval verstandiger zijn.

Die conclusie gaat eraan voorbij dat landen steeds nauwer met elkaar verweven raken en problemen zich niet tot grenzen beperken. Ook het nog altijd voortdurende conflict in Syrië laat het zien. Vluchtelingen zoeken hun heil eerst en vooral in buurlanden. Slechts een klein deel klopt in verre buitenlanden aan voor hulp en krijgt die soms. Als de papierwinkel op orde is en aan de voorwaarden is voldaan.

Afgelopen dagen is in Den Haag overlegd over het helpen van Afghanen die het Nederlandse leger hebben bijgestaan en daardoor mogelijk nu voor hun leven moeten vrezen. Pas na een gênante discussie is afgesproken dat niet alleen tolken, maar ook ander personeel de helpende hand krijgt toegestoken. De VVD stemde tegen. In tijden van nood leer je je vrienden kennen, aldus een Nederlands gezegde.

Afghanistan blijft een bron van zorg, zeker met de Taliban aan het bewind. Als straks de evacués in veiligheid zijn gebracht en de bedden in het tijdelijk opvangkamp bij Zoutkamp bezet, zullen we ons onverminderd moeten inzetten voor de achterblijvers die worden onderdrukt. Niet ter bescherming van westerse belangen, maar ter verdediging van universele waarden. Omdat in een onvrij land geen vrede bestaat.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Commentaar
Afghanistan
menu