Huizen van hout hebben de toekomst. Nieuwe verwerkingsmethode zorgt voor minder CO2 bij de bouw en in het gebruik | opinie

Zolang we hout niet als biomassa verbranden, maar gebruiken als bouwmateriaal houden we koolstofdioxide vast. foto DVHN

Baksteen en staal gaan lang mee, maar leveren veel uitstoot op in de productie. Hout is het bouwmateriaal voor de toekomst, stelt architect Ruud Room. Een nieuwe verwerking kan metselwerk en beton volwaardig vervangen.

Vanwege het klimaatprobleem is het belangrijk om CO2-uitstoot te verminderen en daarmee de opwarming van de aarde tegen te gaan, tegelijkertijd is er grote behoefte aan meer woningen. Elke nieuwbouw op zich zal een extra belasting voor het milieu met zich meebrengen. Renovatie van bestaande woningen en herontwikkeling is daarom belangrijk, maar zal niet toereikend zijn om het woningtekort op te lossen.

Als we toch nieuwe woningen moeten bouwen dan maar beter met een minimale CO2 -voetafdruk, of liever nog, met een negatieve CO2-voetafdruk. Sinds de wederopbouwperiode zijn beton, baksteen en staal verreweg de meest gebruikte bouwmaterialen, juist de materialen die tijdens het productieproces veel C02 genereren. Beton alleen al is goed voor bijna 40 procent van alle C02-uitstoot in de bouwfase.

Houdbaar is niet altijd milieuvriendelijk

Ten onrechte worden materialen alsnog duurzaam genoemd, simpelweg omdat ze lang meegaan. Houdbaarheid en milieuvriendelijk worden daarmee op een hoop gegooid, waarbij het begrip duurzaam een ‘containerbegrip’ geworden is en de consument het overzicht is verloren.

Nederland is groot geworden door te bouwen met en door te handelen in hout. Het land bestond voor een groot deel uit bossen en de naam Holland is dan ook een afgeleide van het oorspronkelijke ‘Holtland’.

Tot nu toe is vrijwel altijd gebouwd met houten regels en stijlen met daartussen een isolatielaag, het zogenaamde houtskeletbouwen. Sinds een aantal jaren is er echter een nieuwe manier bijgekomen waarbij gebouwd wordt met massieve houten panelen, opgebouwd uit meerdere kruislings verlijmde lagen waardoor ze vormvast blijven. Door de constructieve eigenschappen is het een volwaardige vervanging voor metselwerk of beton. CLT (Cross Laminated Timber) panelen worden fabrieksmatig geproduceerd waardoor het bouwproces versneld wordt en er minder bouwafval en transport is.

Cross Laminated Timber

CLT heeft een aantal voordelen ten opzichte van houtskeletbouw. Het geeft meer gewicht waardoor er een stabieler binnenklimaat verkregen wordt. Dit kan verder versterkt worden door toepassing van leemstuc. Het is brandveilig, een massieve houten wand of vloer zal langzaam en gecontroleerd verbranden, een gewapende betonvloer daarentegen zal op een onverwacht moment bezwijken. Een CLT-constructie is dampopen, vochtregulerend, geeft een zeer prettige akoestiek en er is geen uitstoot van schadelijke vluchtige gassen.

Belangrijkste kenmerk is misschien wel dat hout CO2 opslaat in plaats van dat het uitstoot. Een boom neemt gedurende de groeiperiode koolstofdioxide of CO2 op, geeft dit als zuurstof weer terug en slaat de koolstof op. Bij verbranding of door het rottingsproces van een boom wordt koolstof weer omgezet in koolstofdioxide. Zolang we hout niet als biomassa verbranden maar gebruiken als bouwmateriaal houden we koolstofdioxide vast en beperken daarmee CO2-uitstoot.

Wanneer hout afkomstig is van goed beheerde bossen hebben we ruim voldoende voorraad om te bouwen. De hoeveelheid hout, benodigd voor een woning, groeit binnen 15 seconden weer aan. Een CLT-casco slaat daarbij ca. 60 ton CO2 op, terwijl hetzelfde casco traditioneel gebouwd ca. 20 ton CO2 zou uitstoten. Een verschil van 80 ton CO2, vergelijkbaar met 800.000 km autorijden!

Naast CO2-besparing in de bouwfase is het misschien nog wel belangrijker om te besparen in de gebruiksfase. Wanneer we rekenen met een levensduur van 50 jaar zal de gebruikte energie voor verwarmen, en dus de CO2-uitstoot, een veelvoud zijn van die in de bouwfase.

Natuurlijke materialen

In Emmen wordt momenteel de eerste ECO15-woning gebouwd. Naast CLT wordt gebruik gemaakt van natuurlijke materialen zoals houtvezelisolatie, leemstuc en droge afwerkvloeren. De woning is bovendien extreem energiezuinig, omdat het voldoet aan de passiefhuis-standaard van maximaal 15 kWh/m2/jaar. Een traditioneel gebouwde nieuwbouwwoning zal al gauw tussen de 50 en 70kWh/m2/jaar verbruiken.

Omdat er geen dure installaties benodigd zijn worden meerkosten voor ecologische materialen en betere isolatiewaarden grotendeels gecompenseerd. Een ECO15-woning combineert CO2-besparing in zowel de bouwfase als de gebruiksfase met als resultaat een uiterst comfortabele, energiezuinige en gezonde woning voor de bewoner. De woningen zijn daarmee voorbereid op steeds strengere eisen vanuit de overheid en dragen bij aan een betere en schonere toekomst.

Ruud Room is architect en expert in duurzaam bouwen

Je kunt deze onderwerpen volgen
Opinie
menu