Meer leerlingen, minder personeel, steeds zwaardere zorg: het speciaal onderwijs staat onder druk. Laten we ervoor zorgen dat maatwerk mogelijk blijft | opinie

Maatwerk in het speciaal onderwijs staat onder druk. Foto: Shutterstock

Terwijl de Tweede Kamer vandaag vergadert over de nieuwe Begroting Onderwijs, Cultuur en Wetenschap pleit Nadja Siersema-Orsel in een alternatieve troonrede voor structureel meer geld voor het speciaal onderwijs.
Lees meer over
Opinie

Leden van de Staten-Generaal,

Vandaag zit een gepassioneerde leerkracht voor u. Een leerkracht vanuit het speciaal basisonderwijs. Ik sta, vier dagen in de week, voor groep 8 op SBO De Baldakijn in Stadskanaal in Oost-Groningen.

Het speciaal basisonderwijs (SBO) biedt onderwijs aan leerlingen die niet meer mee kunnen komen op het regulier basisonderwijs. Dit kan zijn vanwege leerachterstanden of vanwege gedragsproblemen, al is dit niet zo zwart-wit te stellen. Leerlingen komen bij ons als de basisscholen niet meer de hulp kunnen bieden die nodig is voor de ontwikkeling van het kind.

In een groep 8 kunnen we goed met elkaar in gesprek. Ik heb aan mijn leerlingen gevraagd: „Wat moet ik meenemen in de alternatieve troonrede?” Het leerkrachtentekort en groene schoolpleinen werden genoemd, maar de mooiste opmerking was: „Gun elk kind een juf zoals juf Margriet.”

Helpen met de oplossing

Juf Margriet is een collega van mij, ze werkt als onderwijsassistent. „Als we boos worden, dan mag dit”, legde de leerling uit. „Juf Margriet praat dan met je en helpt je met de oplossing. Daarna kan ik weer meedoen met de lessen.”

Dit is de basis in het speciaal basisonderwijs: maatwerk voor elke leerling. Dit kunnen we bieden door kleinere klassen en hulp in en buiten het klaslokaal, door onderwijsassistenten, logopedisten, enzovoorts. Maar ons onderwijs staat onder druk: door hogere leerlingaantallen, minder personeel, minder structurele gelden en meer zorgzwaarte.

Bij ons willen we graag klassen van maximaal 15 leerlingen, maar meerdere groepen hebben er al 17. En wij zijn geen uitzondering: het speciaal basisonderwijs, en het speciaal onderwijs (SO) in zijn algemeen, maakt landelijk een groei door.

Groei aantal leerlingen schuurt

Cijfers van het CBS laten bij beide schoolsoorten een ‘dip’ zien in het schooljaar 2016/2017, maar in het schooljaar erop, 2017/2018, begint de groei van de leerlingaantallen. En dit schuurt: gebouwen zijn daardoor voller en personeel is lastig te vinden. En niet alleen in de grote steden, de effecten zijn in alle regio’s merkbaar.

Meerdere SBO- en SO-scholen hanteerden vorig jaar een leerlingenstop, een volverklaring. Officieel mag dit niet, maar wat moet een directeur dan? Als er onvoldoende personeel is om de klassen te bemensen?

Als bij ons een leerkracht ziek is, gaan de onderwijsassistenten voor de groep, want invallers zijn er niet. Als dat ook niet meer kan, worden klassen naar huis gestuurd. We hebben al weken gehad dat de onderwijsassistenten, zoals Juf Margriet, niet de extra hulp konden bieden die bij ons zo hard nodig is.

De zorgzwaarte neemt toe

Een andere uitdaging binnen het SBO is de leerlingenpopulatie. De samenstelling daarvan wordt complexer. Niet alle leerlingen hebben een indicatie, niet alle leerlingen hebben een laag IQ, maar sommige komen toch niet tot leren. Het wordt hierdoor ingewikkelder voor de leerkracht in de klas, en ook buiten de klas neemt de zorgzwaarte toe.

Om een voorbeeld te geven. Van mijn 17 leerlingen, zitten er 9 in pleeggezinnen of gezinshuizen. Dit verzwaard mijn taken als leerkracht. Alleen al voor de basis: met wie moet ik bijvoorbeeld in gesprek over de leerling? Ouders, maar hebben die nog gezag? Pleegouders? Moet de voogd erbij zijn?

En dan komt de zorg eromheen nog aankloppen. Oh, een telefoontje vanuit de gemeente, Centrum voor Jeugd en Gezin. Hoe het gaat met mijn leerling? En dat terwijl sommige gemeenten tegelijkertijd, door geldgebrek, indicaties moeilijker afgeven, wachtlijsten hebben en de zorg soms zelfs terugleggen bij de scholen. Terwijl wij niet voor niets om tafel zitten voor de betreffende leerling.

Kansengelijkheid stimuleren

De overheid is niet blind voor de uitdagingen, tenminste, niet helemaal. Zo bleek uit de afgelopen troonrede. Het blijven stimuleren van kansengelijkheid in het onderwijs werd benoemd. Daarnaast werd er gesteld: „Vooruitlopend op noodzakelijke keuzes voor de lange termijn, stelt de regering tot eind 2023 ruim 8 miljard euro beschikbaar voor de onderwijsachterstanden.”

Vanuit het SBO vragen wij met klem om deze zogenoemde NPO-gelden (Nationaal Programma Onderwijs) structureel te maken. Met dit kortetermijndenken kan er geen vast personeel aangenomen worden en de gelden worden nu te vluchtig weggezet.

Ons vak, waarin we maatwerk leveren waardoor leerlingen tóch hun stappen kunnen maken, is prachtig. Gun elk kind een juf zoals juf Margriet. Gun elk kind het beste onderwijs.

Nadja Siersema-Orsel is groepsleerkracht SBO De Baldakijn

Als ingelogde PREMIUM lezer kun je op dit artikel reageren. Hierbij hebben we een aantal huisregels voor opgesteld welke je hier kunt lezen.

Reageren

Nieuws

Meest gelezen

menu