De ‘cruciale beroepen’ van de lockdown waren altijd al cruciaal en zullen dat ook altijd blijven. Hoog tijd om dit werk meer te waarderen én beter te belonen | opinie

Werkzekerheid, waardering en beloning van 'cruciale beroepen' moet verbeteren ANP

We moeten toe naar een samenleving waar solidariteit voorop staat, waar werkers meebeslissen over hun eigen werk en de waardering, het inkomen en de zekerheid krijgen die zij verdienen, stellen Lianne Tap, Monika Eliens, Victor Scheffer, Rikus Brederveld en Jimmy Dijk.

Na de anderhalve meter en het handen wassen, was het meest gegeven advies tijdens de lockdown ‘werk thuis als dat kan’. Voor een deel van de werkenden was dat mogelijk, en velen werkten vanuit huis. Maar veel anderen hadden die luxe niet. Zij kregen ineens te horen dat zij tot de ‘cruciale beroepen’ behoorden.

Er kwam zelfs een heuse lijst voor, bestaande uit onder andere leraren, (bus)chauffeurs, zorgwerkers, schoonmakers en beveiligers. Zij moesten fysiek doorwerken om onze samenleving en economie draaiende te houden.

Maar deze beroepen waren altijd al cruciaal en zullen dat ook altijd blijven. Daarom moet de werkzekerheid, waardering en beloning van dit werk verbeteren. Juist nu. Het is hoog tijd om te erkennen dat deze ‘cruciale beroepen’ een publieke functie hebben, die voor ons allemaal van belang is.

Geen natuurverschijnsel

Dat de waardering en beloning voor deze beroepen jarenlang is achtergebleven is geen natuurverschijnsel, maar het resultaat van politiek handelen. Een politiek van uitbesteden, vermarkten en bezuinigen. Willen we meer waardering en beloning voor deze cruciale beroepen, dan moeten we ook breken met die politiek.

Een paar voorbeelden ter illustratie. Het afgelopen decennium is het werk van beveiligers, schoonmakers, thuiszorgwerkers, post- en pakketbezorgers uitbesteed. Commerciële partijen concurreren op prijs om de gunst van de opdrachtgevers, vaak zelfs (semi-)publieke organisaties en overheden.

Het resultaat van deze concurrentie is dat de lonen stagneerden en flexwerk toenam. Wat eerder volwaardig werk voor een fatsoenlijk loon was, werd tijdelijk en flexibel werk met een loon waar je een gezin niet van kunt onderhouden.

Inkomens stagneerden

Op de publieke sector werd bezuinigd. In de zorg, het onderwijs en bij de politie stagneerden de inkomens. De klassen werden groter, zorg moest sneller en met minder personeel.

Ondertussen werd in deze sectoren een bedrijfsmodel op basis van marktmechanismen ingevoerd. Kostenefficiëntie werd de norm, er kwam controle en bureaucratie. Terwijl juist de menselijke maat, samenwerking en onderling vertrouwen hier van cruciaal belang zijn.

Een dergelijk bedrijfsmodel, waarin bij alle afwegingen het winstoogmerk van de kapitaalverschaffer centraal staat, werkt niet voor publieke taken. Of ze nou door een bezuinigende overheid of een commerciële bedrijf worden gedaan. In beide gevallen staat niet het doel, de burger of de cliënt maar het geld en de winst centraal.

Eigenbelang voorop

Zo werd onze samenleving en economie ingericht volgens het neoliberale wereldbeeld. Een wereldbeeld dat er van uitgaat dat wanneer men het zelfzuchtige eigenbelang nastreeft, dit de beste uitkomst voor het geheel oplevert.

Naast dat wij dit een onwenselijk mens- en wereldbeeld vinden, heeft het met verschillende financiële en economische crises ook bewezen niet te werken. Het tegenovergestelde is nodig om uit deze economische en politieke crisis te komen: een mensbeeld waarin we erkennen dat de mens een sociaal wezen is en dat samenwerking onze samenleving vooruitgang brengt. Waarbij in (semi-)publieke sectoren de mens als maat der dingen wordt gezien, omdat elk individu verschilt maar van ultieme waarde is en gestandaardiseerde productie omwille van winstmaximalisatie dus niet passend en niet efficiënt is.

Tijdens de uitbraak van de coronapandemie hebben we onze samenleving en economie eerst direct gestut. Nu moeten we doorzetten. Want er is verder nog steeds niets wezenlijks veranderd. Met name in onze publieke sectoren en voor de cruciale beroepen is er nog steeds niets verbeterd.

Solidariteit voorop

Daarom moeten we nu de fundamenten van onze samenleving en economie aanpassen. Een verschuiving van een economisch systeem dat winst boven mensen en volksgezondheid stelt naar een samenleving waar solidariteit voorop staat, waar werkers meebeslissen over hun eigen werk en de waardering, het inkomen en de zekerheid krijgen die zij verdienen. Dus zonder de onzekerheid van aanbestedingen, maar met vaste contracten waar minstens een modaal inkomen tegenover staat.

We moeten de arbeid nu emanciperen. Zodat de mensen die ons land draaiende houden een economisch systeem ervaren dat voor hún werkt en iedereen ervaart dat het eerst om de mensen en niet om de winst gaat.

Lianne Tap is verpleegkundige
Monika Eliens is schoonmaakster
Victor Scheffer is asbestverwijderaar
Rikus Brederveld is docent
Jimmy Dijk is fractievoorzitter SP gemeente Groningen

Je kunt deze onderwerpen volgen
Opinie
menu