Ligt er echt een ‘deken van landbouwgif’ over Nederland? Het nieuwe rapport van Meten = Weten levert louter goedkope kritiek op de gangbare boerensector | opinie

Ligt er echt een ‘deken van landbouwgif’ over Nederland? ANP

Volgens een nieuw rapport van Meten = Weten ligt er een ‘deken van landbouwgif’ over Nederland. Conrad Corts, biologische pluimveehouder uit Havelte, stoort zich aan de goedkope manier van kritiek leveren op de gangbare boerensector.
Lees meer over
Opinie

Ik schrok enorm van het artikel ‘ Er ligt écht een deken van gif over Nederland ’ in de krant van 11 januari. Zelf ben ik biologisch boer dus ik heb hier geen schade van. Wat de actiegroep Meten = Weten (M = W) doet kan echter niet door de beugel. Hier moet de krant zich niet voor laten lenen.

Het rapport van M = W, Een deken van gif, staat vol met suggestieve opmerkingen die niet verder worden onderbouwd. Een rapport vol aangetoonde stoffen die geen relatie met landbouw hebben. Geen representatieve monstername, geen gecertificeerde monsternemers, geen geaccrediteerd lab.

Het rapport van M = W stelt: „Het vorige kabinet heeft al geschreven dat zij in 2030 pesticiden vrijwel zonder chemicaliën wil zien.” Dat is niet juist, in de toekomstvisie 2030 staat omschreven dat het doel is een landbouw met nagenoeg geen emissies naar het milieu. Geen emissies naar milieu is iets heel anders, en sluit het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen zeker niet uit. Maar dit stuurt naar een sterk verbeterde inzet.

Ons aller doel

Uiteindelijk is ons aller doel het terugbrengen van de milieu-impact van de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen. Dit kan door een andere middelenkeuze indien mogelijk, door het inzetten van precisietechnieken, of door het werken met emissie-reducerende maatregelen op het erf en op het land.

Het rapport van M = W stelt tevens: „EU wil daarnaast in 2030 halvering van het gebruik van pesticiden via de Boer-tot-Bordstrategie.” Het is niet een halvering van het gebruik waar naar gestreefd zou moeten worden, maar een halvering van de milieu-impact. Volume zegt niets over milieu-impact; biologische middelen kennen vrijwel altijd een hogere dosering per hectare, dus als we volledig zouden (kunnen) overschakelen op biologische gewasbeschermingsmiddelen om ziekten en plagen aan te pakken, levert dat géén reductie in het (volume) op.

Het rapport van M = W staat vol met chemische stoffen die (al lang) niet (meer) gebruikt (mogen) worden in de landbouw maar uiteraard nog wel gevonden kunnen worden. De titel zou dus evengoed bijvoorbeeld de termen ‘industriegif’, ‘moestuingif’, ‘huisdiergif’ of ‘asfaltgif’ kunnen bevatten.

Woord ‘landbouwgif’ polariserend

Ook is het gebruik van het woord ‘landbouwgif’ bewust polariserend. M = W deed dat eerder en hun partner Natuurmonumenten distantieerde zich van de polariserende uitspraken.

Sowieso dekt de titel Deken van landbouwgif van het persbericht van M = W de lading niet. Nergens in het rapport wordt het beweerd of aangetoond. Het is gegoochel met termen en definities om hun verhaal kracht bij te zetten. In het voorwoord: „In dit rapport gebruiken we de term ‘bestrijdingsmiddel’ voor gewasbeschermingsmiddelen, biociden, anti-parasitaire diergeneesmiddelen en voor de metabolieten van deze stoffen.” Maar de titel van het bericht is: ‘deken van landbouwgif’. De intentie is weer duidelijk.

Gegoocheld wordt ook met ‘drooggewicht’ en ‘microgrammen’. Normaal gesproken wordt er gerapporteerd in kg/mg vers gewicht. In dit rapport is echter alles in droog gewicht gedaan, daardoor komen de waarden ook op een hoger niveau te liggen (factor 2 tot 5).

Oorsprong difenyl niet te vinden

M = W schrijft zelf in het rapport: „Wij konden niet vaststellen waar het veel gevonden difenyl (ook wel bifenyl genoemd) vandaan kwam. Het maakt veelal ongeveer 50 procent uit van het totale gehalte bestrijdingsmiddelen in de genomen monsters. Deze stof wordt overigens in vergelijkbare hoeveelheden aangetroffen in de vegetatie in Gelderland en Duitsland.

Deze stof is helemaal niet toegelaten in Europa (al zeker 15 jaar niet). Deze kan echter ook uit industriële bronnen komen. Men zegt dus eigenlijk zelf dat van de hoeveelheden die men heeft gevonden het grootste deel niet uit de landbouw komt: zij noemen het echter een bestrijdingsmiddel maar weten de bron dus totaal niet en weten blijkbaar niet dat het niet uit de landbouw kan komen. Bifenyl is afkomstig uit verbrandingsprocessen van olie, hout, houtskool, et cetera…

Van Chloorprofam is bekend dat het vluchtig is. Kortom, deze is problematisch en afkomstig uit de landbouw. Om deze reden is de verkoop sinds medio 2019 ook verboden. DEET is geen landbouwmiddel maar een middel dat natuurwandelaars gebruiken om muggen van het lijf te weren. En voor honden als anti-tekenmiddel. Anthraquinon komt ook niet uit de landbouw. Deze stof komt ook (net als bifenyl) uit verbrandingsprocessen en hout-verduurzamingsproducten.

Niet correct

Het rapport van M = W stelt: „Een weinig geruststellend feit is het dat in Europa er helemaal geen bestrijdingsmiddelennormen bestaan voor veevoer”. Dat is niet correct, daar moet wel data voor aangeleverd worden.

Dit is een mooie: „Werkzame stoffen waarvan extreem lage dosis nodig zijn per hectare zijn ongewenst, omdat na toepassing residuen in bodem of vegetatie door de gangbare analysemethodes niet aantoonbaar zijn.” Dus als je niets aantoont is het ook niet goed?

Tot slot: Minder inzet van gewasbeschermingsmiddelen en biociden betekent dat er 35 procent meer land nodig is om eenzelfde voedselproductie te behouden. En die grond hebben we niet! Minder product zal betekenen dat de voedselprijzen fors zullen stijgen.

Goedkope kritiek

Wie gaat ons voedsel maken? Gaan we importeren en ons afhankelijk maken voor één van onze belangrijkste eerste levensbehoeften? Gaan we accepteren dat men elders natuur gaat vernielen om voor ons te telen? En hoe garanderen we dan de milieu-impact daar? En stellen we ook de zelfde eisen aan de kwaliteit, et cetera?

Eigenlijk is de wezenlijke vraag die we ons hier stellen: hoe belangrijk is voedselzekerheid voor ons (nog)? Ik ben biologisch boer maar ik stoor me aan de goedkope manier van kritiek leveren op de gangbare boerensector.

Conrad Corts is eigenaar van biologisch pluimveebedrijf Egg-tivity in Havelte

Als ingelogde PREMIUM lezer kun je op dit artikel reageren. Hierbij hebben we een aantal huisregels voor opgesteld welke je hier kunt lezen.

Reageren

Nog geen toegang tot PREMIUM, abonneer je hier

Nieuws

menu