Schaf de lumpsump financiering in het onderwijs af. Het accent ligt nu te veel bij de managers en te weinig bij de jongeren | Opinie

Leerlingen van CS Vincent van Gogh (Assen/Beilen) doen een examen in De Bonte Wever. Foto: Hilbrand Dijkhuizen

De marktwerking heeft het onderwijs in Nederland geen goed gedaan, stelt publicist Herman Blom. Hij vraagt zich af: moeten scholen niet weer gewoon direct onder het Ministerie van Onderwijs (OCW) vallen?
Lees meer over
Opinie

Onderwijsconcerns zijn in opspraak. Niet voor de eerste keer gaat het om de hoge beloningen voor de leden van de colleges van bestuur. Deze CvB’ers in primair, voortgezet, beroeps- en universitair onderwijs verdienen nogal eens meer dan 2 ton jaarlijks.

Balkenendenorm

In 2013 werd met de Wet Normering Topinkomens een debat over bestuurders van semipublieke instellingen voortijdig met de zogenaamde Balkenendenorm afgesloten.

De vele hazenpaadjes om de zakken toch te vullen brengen bestuurders (van met name zorginstellingen) sindsdien regelmatig in het nieuws. Het probleem: marktwerking door ‘new public management’, een Nederlandse innovatie met fatale gevolgen voor de collectieve sector.

Lumpsump: betaling per student

De onderwijsconcerns leveren een strijd om de klant – lees: scholier of student – en krijgen daarvoor een grote zak euro’s toebedeeld. Dit heet de ‘lumpsum’-financiering: betaling per ingeschreven student, gemeten aan vooral het aantal uitgereikte diploma’s.

De instellingen bepalen zelf hoe ze die pot geld besteden. Concurrentie tussen de instellingen vindt plaats op bijvoorbeeld het aantal geslaagden en op veel wat op ‘window dressing’ lijkt. Dergelijke privatisering heeft behalve in de telecomsector vrijwel nergens tot goede resultaten geleid. Geen kostenbesparing, geen kwaliteitsverhoging.

Onderwijzend personeel afgeknepen

Zelfstandig als ze zijn, mogen de onderwijsconcerns zelf beslissen over hun beloningsbeleid. Bestuurders, ook van andere semipublieke instellingen, hebben zich sinds de jaren negentig financieel kunnen loszingen van de ambtelijke verhoudingen die je van overheidsdienaren zou verwachten. Onderwijzend personeel wordt ondertussen afgeknepen met bescheiden salarisschalen.

Toch is de discussie over de hoogte van de bestuurderssalarissen niet zo nuttig. Wel is de vraag interessant of het onderwijs niet al genoeg geschaad is door die marktwerking. Moeten scholen niet weer gewoon direct onder het Ministerie van Onderwijs (OCW) vallen?

Waar gaat het geld naartoe?

Wat zijn de gevolgen van de lumpsum? Gaat dit geld naar de leerlingen, scholieren en studenten of naar vastgoed, internationalisering, ondersteunende diensten en bestuurders?

Hoe het ook zij, de algemene opinie is inmiddels dat de vele problemen, met name het slechte onderwijs, niet meer los gezien kunnen worden van het besturingsmodel waarbij de gefuseerde besturen in grote vrijheid de lumpsumgelden kunnen besteden.

8,5 miljard naar het onderwijs

Nu gaat er weer 8,5 miljard naar het onderwijs om in 2,5 jaar de coronaschade weg te werken. Zal dit zinnig worden besteed? Steeds weer blijkt immers dat geoormerkte extra’s niet gebruikt werden waarvoor ze bedoeld waren, omdat ze bij de vrij te besteden middelen van de schoolconcerns terecht komen.

Wat zijn de consequenties van de marktwerking in het onderwijs? De grote vrijheden van de onderwijsconcerns hebben niet alleen geleid tot grotere inkomensongelijkheid ten koste van het onderwijzend personeel. De focus op managementprocessen in plaats van op onderwijs heeft voor de degradatie van de docent gezorgd. Veel te zeggen heeft hij niet meer.

Tweedegraadsleraren

Nederland is het land geworden van de goedkope, niet academisch geschoolde tweedegraadsleraren met weinig vakkennis. Wel zo gemakkelijk in leerfabrieken waarin de moderne leraar administrator van leerprocessen speelt. Ook goedkoper natuurlijk.

Diepgaande vakkennis wordt als overbodig gezien ten gunste van begeleiding van soft skills. De gevolgen zijn ernaar: mondige jongeren die maar weinig aan kennis hebben meegekregen, terwijl hun docenten door gebrek aan vakkennis geen passie voor de inhoud hebben ontwikkeld.

Een vorm van ‘kinderhouderij’

De vrijheid van de onderwijsconcerns om onderwijs te reduceren tot een vorm van ‘kinderhouderij’ blijkt moeilijk te beperken. Hun bestuurders blijven vrij om zich zelf goed te bedelen. Opeenvolgende ministers van ‘onderwijspartijen’ PvdA en D66 willen niet direct ingrijpen. De semipublieke sector is immers ‘op afstand’ geplaatst. Hoe nu verder?

Wat lessen voor het komende regeerakkoord: schaf de lumpsum af. Dit type financiering heeft negatieve effecten voor het Nederlandse onderwijs gehad. Het accent is daardoor verschoven van de jongeren en het onderwijsproces naar de managers en hun kengetallen.

Bestuurders een ‘nomaal’ salaris

Zorg ervoor dat de bekostiging van de lessen met bijbehorende taakuren wordt gescheiden van overhead en materiële bekostiging. Stel slechts academisch geschoolde leraren aan en beloon ze behoorlijk. Bestuurders krijgen een ‘normaal’ werknemerssalaris.

Ga weer terug naar de tijd dat het Ministerie de lakens uitdeelde. Succesvolle onderwijslanden als Finland en Duitsland bewijzen dat de sturende hand van de overheid beloond wordt met goed onderwijs.


Herman Blom is publicist

Nieuws

menu