Worden twintigers van nu later volwassen? Zeker. Maar pas op: het fundament van je leven leg je als twintiger | opinie

'Twintigers van nu wijken af, zeker' Foto: Shutterstock

Worden twintigers van nu later volwassen dan eerdere generaties twintigers? Zeker, volgens ontwikkelingspsycholoog Bertus Jeronimus, maar een tragere volwassenheid in ieder geval geen slecht teken.
Lees meer over
Opinie

De menselijke ontwikkeling van afhankelijk kind tot onafhankelijke volwassene is langer en complexer geworden dan ooit tevoren. Volwassen mensen zijn het product van de versmelting van hun biologie met de verhalen, kennis en technologie van hun tijd, die zowel hun binnenruimte (psyche) als hun waarneming van de ‘omgeving’ vormgeeft.

Leeftijd verwijst naar je persoonlijke tijd en plek in de levenscyclus. Ben je adolescent (13-18 jaar), jongvolwassene (18-25 jaar), volwassen (25-40), of van middelbare leeftijd (40-65), of bent u al met pensioen (65 jaar en ouder)? Hoewel leeftijdsgrenzen arbitrair zijn en schuiven, volgen mensen vaak een vergelijkbaar traject van geschakelde levensfasen.

Generaties, groepen mensen die in dezelfde jaren zijn geboren, delen vaak belangrijke ervaringen, hun blik op de wereld, of eigenschappen, zoals de stille generatie, Boomers, millennials, of generatie-X (vaak blokken van 15-22 jaar). Hoe zit dat met de huidige generatie twintigers, geboren in 1993-2002? Klopt het, zoals je veel hoort, dat zij later volwassen wordt dan eerdere generaties tijdens dezelfde levensfase? Zeker. Maar hoe?

Net iets intelligenter

De afgelopen eeuw was iedere generatie twintigers wereldwijd vaak net iets intelligenter dan de vorige, voornamelijk door betere voeding, vitaminen, medicatie, en onderwijs. Wereldwijd is er een kleine toename in emotionele stabiliteit, extraversie, zorgvuldigheid, en afname in altruïsme geobserveerd; waarschijnlijk door gedeelde sociaal-culturele ontwikkelingen.

In iedere periode zijn er belangrijke gebeurtenissen zoals een pandemie (HIV, Covid-19), oorlog (de Tweede Wereldoorlog, Koude Oorlog, Oekraïense oorlog), of economische onrust (1930-40, 1980-84, 2007-2009, globalisering) die hun effect hebben op de ontwikkeling van mensen en generaties. Verschillende generaties en groepen ervaren zo’n periode verschillend; zoals de coronapandemie anders was voor adolescenten, mensen van middelbare leeftijd, en tachtigers. Generaties verschillen in hun sociale relaties, waarden, en ervaren dreiging. En in de hun beschikbare technologie, van radio, televisie, computer, tot mobiel internet en smartphones.

Om optimaal te functioneren kan de mens de aanwezigheid, duur, en karakteristieken van bepaalde levensfasen flexibel aanpassen aan de omgeving. Over de twintigste eeuw is de levensverwachting van de Nederlander ruwweg toegenomen van 30 tot 80 jaar door betere hygiëne, voedsel, en medicijnen. Gevolg is dat er meer geïnvesteerd kan worden in een langzamere levensloop met nadruk op persoonlijke ontwikkeling. Het verwerven van sociale invloed en de optimale partner, om je paar kwaliteitskinderen voor te sorteren op een succesvol leven.

Is je wereld onvoorspelbaar en gevaarlijk en voedsel onzeker, dan is snelle groei en vroege seksuele volwassenheid de betere strategie; omdat je er niet op kunt gokken dat je ook later nog wel kinderen krijgt. Meer kinderen spreid de risico’s. Een tragere volwassenheid is dus bovenal een goed teken.

Focus op groei en kansen

Leeftijd verwijst naar normatieve, getalsmatige veroudering en veranderende verwachtingen over de omgeving. Je positie in je levenscyclus is weerspiegeld in zaken zoals energie, karakter, kennis, gezondheid, en je focus op groei en kansen, versus zorg, veiligheid, en verval. Hierdoor ontstaan wisselwerkingen, maar ook spanningen binnen en tussen generaties.

De biologische volwassenheid betreft de periode van voortplanting. De kern is dat ieder mens de beschikbare energie optimaal moet zien te verdelen over groei, gezondheid, de timing van kinderen, en het aantal kinderen. Hier komen de persoonlijke en culturele context samen.

Er is er geen enkele twijfel dat de twintigers van nu in velerlei opzichten afwijken van eerdere generaties twintigers. Ze hebben internet! De impact daarvan valt niet te onderschatten, bedenk bijvoorbeeld ook dat jongvolwassenheidsfase zelf slechts een recente verworvenheid, die tussen de 16e en 18e eeuw ontstond, maar pas in de late 20e eeuw gemeengoed werd toen de diensten sector belangrijker werd dan de industrie.

Langer in een tussenfase

Sociale en economische krachten duwen de uiteindelijke volwassenheid vooruit en daardoor verblijven twintigers langer in een tussenfase, die gekenmerkt wordt door verkenning, ontwikkeling en (financiële) afhankelijkheid van ouders en staat. Een verschil met vroegere twintigers, die eerder volwassen (onafhankelijk/opvoeder) werden.

Naast de kindertijd is er geen periode die met de jongvolwassenheid kan wedijveren wat betreft de dynamische en complexe ontwikkelingsprocessen op vele niveaus, van persoonlijke, sociale en emotionele ontwikkeling tot de verfijning van hersennetwerken tussen 18 jaar en eind 20. Dit is ook zichtbaar in de late volwassenwording (het ‘volgroeid zijn’) van impulsbeheersing en organisatievaardigheden (prefrontale cortex), en een beloningssysteem dat overgevoelig blijft voor groepsdruk.

Om die reden domineren jongvolwassenen de criminaliteit statistieken. Twintigers verliezen de ondersteuning en structuur van onderwijs en het ouderlijk huis, maar krijgen daar een soort maatschappelijke adempauze voor terug waarin ze relatief straffeloos kunnen experimenteren met rollen, identiteit en waarden, en volop ruimte hebben om zichzelf, potentiële partners, en werk en maatschappij te verkennen, al dan niet met een alcoholische versnapering erbij (denk aan het studentenleven). Een dronken mens van 40 is vooral zielig.

Competitieve tredmolen

De neoliberale geest van competitief individualisme, die sinds de jaren zeventig moderne maatschappijen kenmerkt, resulteerde in een competitieve tredmolen waarin vroege twintigers zoveel mogelijk sociaal-emotionele, academische en professionele vaardigheden en kennis moeten verwerven om de meerdere complexe volwassen rollen optimaal te kunnen vervullen. Als familielid, vriend, klant, student, partner, collega, opvoeder, en burger. Daarbij is zelfactualisatie en zelfexpressie cruciaal geworden.

Jongvolwassen hebben de grootste sociale netwerken van alle leeftijden om breed informatie te verkrijgen, niet in de laatste plaats over toekomstrichtingen en werk. De afgelopen decennia is het aantal twintigers dat hoger onderwijs volgt enorm toegenomen. Van 2 procent hoger opgeleiden in 1960 had in 2010 32 procent van de Nederlanders hoger onderwijs genoten (12 procent universiteit) en in 2019 al zo’n 40 procent (15 procent universiteit). In Nederland volgt ruim 70 procent van de twintigers een opleiding, een gevolg van de omslag van een industriële naar een informatie-economie.

De huidige twintigers hebben een iets grotere drijfveer om te presteren dan eerdere generaties, en zijn kritischer geworden op hun lijf, geest, carrière, en relaties. Ze lijken zich sociaal wenselijker te willen voordoen en banger om veroordeeld te worden. Ze zijn preutser. Hebben minder seks. En maken zich zorgen over het klimaat.

Pas na 25e op zoek naar partner

De meeste twintigers wonen bij hun ouders, en op hun 25e jaar woont een op de drie daar nog. Pas na hun 25e jaar kiezen ze een carrière, en gaan ze op zoek naar een partner. De eerste kinderen krijgen Nederlanders tegenwoordig rond hun 30-32e jaar, dat was 24 jaar in 1970. Opleiding en carrière gaan voor. Voor iedere individuele twintiger zijn zulke beslissingen natuurlijk mede afhankelijk van persoonlijke, sociale, en financiële factoren.

Wie geen diploma, geld, of partner heeft, en geen huis, zal kinderen uitstellen. Maar de Deens-Amerikaanse psycholoog Erik Erikson (1902-1994) waarschuwde al dat twintigers doelgericht met werk en relaties moeten omgaan, omdat ze anders het risico lopen achter de feiten aan te lopen, en als irrelevant te worden gezien. Zo’n 20 procent van de jongeren blijft bewust kinderloos, en bijna 40 procent alleenstaand. Mede door de pandemie zullen er dertigers zijn die rouwen om de carrière of het gezin dat er nooit van kwam. Het fundament van je leven leg je als twintiger.

Dr. Bertus Jeronimus is ontwikkelingspsycholoog, onderzoeker en docent aan de Rijksuniversiteit Groningen

Als ingelogde PREMIUM lezer kun je op dit artikel reageren. Hierbij hebben we een aantal huisregels voor opgesteld welke je hier kunt lezen.

Reageren

Nog geen toegang tot PREMIUM, abonneer je hier

Nieuws

menu