Lycurgus-speler Niels de Vries: 'Ik wil die beker nu wel eens winnen'

Niels de Vries: 'Ik wil aan EK's, WK's en de Olympische Spelen meedoen.' Foto: Ewoud Broeksma

In Hemd van het Lijf portretteren we sporters op bijzondere wijze. Fotograaf Ewoud Broeksma richtte zijn lens op volleyballer Niels de Vries van Abiant Lycurgus.

Naam:  Niels de Vries. Mijn ouders wilden me eerst Erik noemen. Maar mijn zei moeder, toen ze al half aan het bevallen was: ‘Het wordt toch geen Erik’. Volgens de verhalen zei ze: ‘Ik ken toch minder leuke mensen die Erik heten’.

Geboortedatum en -plaats:  4 juli 1996 in Beverwijk. Het ziekenhuis in Zaandam was dichterbij, maar al vol.

Woonplaats:  Wormer, ten minste oorspronkelijk. Je kan nu wel Groningen zeggen, omdat ik hier al drie jaar woon. Het leuke aan Wormer? We hebben daar water. In de zomer kan je met je bootje varen, de Zaan over naar het Alkmaardermeer. Naar een eilandje toe en ‘s avonds lekker barbecueën. Maar Groningen is wel leuker, qua alles eigenlijk. Het enige dat ik mis is een echt strand, maar de mensen zijn vriendelijker dan in Noord-Holland. Stugge Groningers? Daar kijk je doorheen.

Familie:  Vader Mike en moeder Monique en mijn broertje Sander van 19. Het is niet echt een sportieve familie. Ik heb een neefje dat basketbalt, maar voor de rest is er niet echt een sportend familielid. Mijn vader heeft voor mijn geboorte wel gebasketbald en gehonkbald en mijn moeder tenniste en liep voorop bij de fanfare met zo’n stok.

Burgerlijke staat:  Vrijgezel. Ik had wel een vriendin die korfbalt, maar dat is over. Ze kunnen nu weer solliciteren. Ik sta voor alles open, haha.

Lengte : 2 meter 7. Ik was best vroeg lang. Ik had nog een groeispurt rond mijn zeventiende. Sindsdien ben ik op deze lengte.

Gewicht:  102 kilo. Voordat ik aan krachttraining deed was ik net zo lang, maar woog ik maar 70 kilo. Ik kreeg vaak van mijn oma te horen: ‘Ga eens wat eten. Je bent zo mager’. Nu eet ik iedere keer de kast leeg als ik bij haar op visite kom.

Sport:  Volleybal. Sinds mijn elfde bij VCC’92 in Wormer. Daarvoor had ik heel veel sporten gedaan en begon met voetbal. Maar ik vond het te koud. En die regen. Daarna een jaar judo, toen zeilen, maar dat kon alleen in de zomer. Vervolgens waterpolo, maar daar had ik geen passie voor. Toen stonden er nog twee sporten open: volleybal en basketbal. Volleybal was om de hoek en basketbal twintig minuten met de auto. Toen zei mijn moeder: ‘Probeer eerst het volleyballen maar’ en dat beviel goed. Je bent echt een team, je doet het samen. Dat is mooi. En lekker als je stijf naar de grond blokt of hard slaat.

Basketbal:  Ik kijk liever naar basketbal dan naar volleybal. Een mooie sport om naar te kijken. Een teamsport, maar ook met individuele acties.

Basisplaats bij Lycurgus:  Die had ik vorig seizoen vaker dan nu. Dit seizoen had ik het door blessures wat moeilijk, maar ben daar redelijk van teruggekomen. Ik speel nu vaak in de basis, maar de oude Niels is er nog niet altijd.

Beker:  Ik wil de belangrijke wedstrijden spelen en winnen, zoals in de beker (morgen is de bekerfinale tegen Dynamo, red.). Vorig seizoen ging dat niet goed, toen we de finale van Taurus verloren. Ik heb verder alles gewonnen, twee keer het landskampioenschap en drie keer de Supercup, maar nog nooit de beker. Mooi om die ook toe te voegen. We zijn weer favoriet en moeten er vol ingaan. De vorige keer tegen Taurus was er complete onderschatting, van: we moeten die wedstrijd alleen nog spelen en dan hebben we de beker. Maar toen het moeilijk ging, stonden we helemaal perplex.

Seizoen:  Wisselvallig. We kunnen heel goede wedstrijden spelen, maar zakken af en toe door het ijs. Zoals tegen Zaanstad, toen er dertig familieleden en vrienden op de tribune zaten.

Doelen:  Ik heb vooral oefeninterlands gespeeld, maar ik wil echt aansluiting vinden bij Oranje en aan EK’s, WK’s en Olympische Spelen meedoen. Om veel beter te worden moet ik naar het buitenland, naar een mooie club waar het niveau hoger is en ik meer word uitgedaagd. Kay van Dijk, mijn manager, is op zoek. Maar eerst het seizoen goed afmaken.

Beroep:  Volleyballer en engineer bij machinefabriek Rusthoven in de stad. Mijn moeder werkt op Schiphol. Ik wilde piloot worden, maar dan moet je onder de 1.95 meter zijn. Anders pas je niet in de cockpit. Maar ik had altijd wel feeling met techniek.

De fotoshoot:  Ik vond het prettig. De foto’s zijn mooi geworden. Het brengt mooi je sport in beeld en ook je lichaam zelf.

Nieuws

Meest gelezen

menu