Uit Koekange afkomstige grasbaancoureur Harriët Zwiers: powergirl in mannenwereld

Foto: Marco Keyzer Foto: Marco Keyzer

De uit Koekange afkomstige Harriët Zwiers is al jaren de beste vrouw in het grasbaanracecircuit. In haar afscheidsseizoen rijdt zij ook in de mannenklasse ST2 vooraan. ,,De titel? Dat roep ik niet, want dan is de kans op teleurstelling groot. Maar je zou wel geschiedenis schrijven.’’

Vanuit de gang van de woning van Hessel de Ree en Harriët Zwiers in Sint Nicolaasga klinkt gehuil. Lesseh (de omgekeerde naam van vader Hessel) is gevallen. Het mannetje van anderhalf is moe. ,,Ik breng hem even naar bed’’, zegt Zwiers. Als ze terug is, wil Nikkie van 4 graag een koekje. En drinken. Het leven met twee kleine koters is hectisch.

Het is nauwelijks voor te stellen hoe de 30-jarige grasbaanracer dat in het rennerskwartier bij een wedstrijd in goede banen leidt. Eigenlijk heel makkelijk, stelt Zwiers. Haar man is geregeld mee, haar vader Harrie altijd. ,,En mijn twee nichtjes racen ook.’’ Haar zus is er altijd bij. Een oppas is nooit ver weg.

Grasbaanwereldje is klein

Bovendien is het grasbaanwereldje klein. ,,Loopt er eentje aan de andere kant van het rennerskwartier, dan weet altijd wel iemand dat het er eentje van De Ree is.’’ Zoals ze zelf vroeger ook werd herkend toen ze op het circuit rondliep als ze met haar vader mee was.

En eigenlijk heeft ze zelf ook best veel tijd. ,,Ik hoef in een raceweekeinde alleen maar op te stappen voor die vier rondjes. Mijn vader zorgt er altijd voor dat de motor helemaal klaar is. Hij is een perfectionist. Als ik opstap, weet ik dat het goed is.’’ Zelf hoeft ze niet te sleutelen tussen de races door.

Door de week ook niet. Sterker nog, sinds Zwiers zes jaar geleden naar Sint Nicolaasga verhuisde, staat de motor bij haar vader. Die zorgt ervoor dat ze bij de volgende race weer onbezorgd kan opstappen. ,,Als ik dat sleutelen ook moest doen, was ik al lang gestopt.’’

Altijd motorcrossje spelen in de tuin

Dat Harriët Zwiers ook zou gaan grasbaanracen was eigenlijk niet de bedoeling. Tenminste niet van haar ouders. ,,We gingen wel altijd mee en ik vond het geweldig.’’ In de tuin in Koekange speelden Harriët en haar oudste zus Femke altijd motorcrossje. ,,Maar mijn vader zei altijd dat hij niet met ons zou gaan racen.’’

Te duur en bovendien racete Harrie Zwiers zelf. ,,Toen kocht mijn oom een motor en die kreeg ik’’, zegt Zwiers. ,,Mijn zus vond dat wel lastig, maar het heeft gelukkig nooit tussen ons in gestaan. Ze gaat altijd mee en helpt als monteur. Daar haalt ze ook plezier uit.’’

Acht jaar was Harriët Zwiers toen ze begon te racen. ,,De eerste jaren sukkelde ik altijd maar wat achteraan, maar vanaf mijn elfde werd het serieuzer.’’ Ineens begon ze zich aan de voorkant van wedstrijden te melden. ,,Mijn vader zag dat er wel wat talent in zat en is toen gestopt om zich volledig met mij bezig te kunnen houden.’’

‘Ik had wel een topsportleven gewild’

Dat moment is bepalend geweest voor de verdere sportieve loopbaan van de geboren Drentse. Misschien wel jammer. Grasbaanracen op een crossmotor beperkt zich tot Nederland. Er is geen EK, laat staan een WK. Zich meten op wereldniveau is er nooit van gekomen.

Stiekem had ze dat wel willen doen. Aan topsportmentaliteit ontbreekt het niet. Zwiers is nooit tevreden, altijd bezig met iets nieuws bedenken om nog beter te worden. ,,Wat dat betreft heb ik de verkeerde sport gekozen, want ik had graag mijn werk ervan gemaakt.’’

Tot twee keer toe noemt ze schaatsen als voorbeeld. ,,Ik had wel willen zien wat ik in zo’n sport had kunnen bereiken. Een topsportleven, er vol voor gaan. Trainen, doelen stellen, pieken, het had me echt leuk geleken.’’

Wie een keer voor de motorsport heeft gekozen, heeft echter weinig tijd om er nog wat anders naast te doen. ,,Daar is geen ruimte voor. Ja, ik voetbalde wel, maar dat was puur om de conditie op peil te houden. Maar het was bijzaak, in maart begon het crossseizoen weer.’’ Aan de kant gingen de voetbalschoenen.

Ze wijst even naar dochter Nikkie. En dan volgt een wijds gebaar. ,,Dit is ook topsport. Twee kinderen, een eigen bedrijf en nog een baan ernaast.’’ Anderhalf jaar geleden hebben Zwiers en De Ree in Sint Nicolaasga het autobedrijf van zijn ouders overgenomen. ,,Ook daarin heb ik de ambitie de beste te willen zijn.’’

Bewijzen om tussen de jongens te mogen racen

Terug naar vroeger. Al snel bleek de drive van Harriët Zwiers groot. ,,Ik ben heel streberig. Dat is best wel een lastige eigenschap. Ik kon na een race nooit eens blij op een stoel zitten genieten. Dan was ik alweer wat nieuws aan het bedenken.’’

Van jongs af aan rijdt de Sint Nykse al tussen de jongens. Op haar 13de leek daar aanvankelijk een einde aan te komen. ,,Toen kwam je op die leeftijd terecht in de damesklasse, de huidige Powergirls.’’

Zwiers wilde echter ook bij de jongens blijven racen. Beslist. ,,Daar word je beter van, harder. Eerst mocht het niet, maar toen mocht ik me bewijzen. Dat lukte.’’ Sindsdien combineert ze racen in twee klassen. Als enige vrouw.

Kampioen werd ze nooit tussen de mannen. Dit seizoen lonkt er wat. Voorafgaand aan de ST2-wedstrijd van zaterdag in Opende staat Zwiers derde in het klassement op slechts drie puntjes van koploper Gert Jan Valk.

Racen tussen de mannen is anders

Niemand die haar echter hoort roepen dat ze wel even de Nederlandse titel gaat pakken. ,,Dat kan ik wel rond gaan vertellen, maar dan is de kans op teleurstelling groot. Ja, ik zou wel geschiedenis schrijven.’’ Een heilig doel is het echter niet.

Ze ziet wel hoe het loopt. ,,Ik ga nooit naar een wedstrijd met het idee dat ik móet winnen. Ja, wel bij de Powergirls. Daarin mag niemand beter zijn dan ik.’’

Racen tussen de mannen is toch wat anders. Daar worden meer risico’s genomen, zitten de coureurs met hun motoren dichter bij elkaar. ,,Ik wil geen risico’s nemen. Niet dat ik bang ben om eraf gereden te worden, maar je kunt zelf ook onderuit gaan.’’ Een zwaar ongeval komt in haar sport wel eens voor. ,,Daar ben ik wel bang voor. Ik wil heel blijven en tegelijk goed presteren.’’

Dat lukt dit seizoen verrassend goed. Harriët Zwiers is met haar beste seizoen bezig. Zowel in Vries als Loppersum stapte ze als winnaar tussen de mannen van de motor. ,,Dat zullen ze niet allemaal leuk vinden’’, zegt ze lachend. ,,Maar ik merk wel dat er respect is voor wat ik doe.’’

Op het hoogtepunt stoppen

Hoe kan het dat het dit seizoen zo goed gaat? Even is Zwiers stil. ,,Misschien wel omdat het mijn laatste seizoen is. Ik zeg al vijf jaar dat ik ga stoppen, maar dat doe ik nooit. Na dit seizoen is het wel voorbij.’’ Lachend: ,,Ze zeggen toch dat je op je hoogtepunt moet stoppen? Nou daar zit ik wel zo’n beetje op.’’

De raceloze coronajaren hebben Zwiers ook laten zien dat er zoveel meer is dan alleen maar elk weekeinde naar een circuit voor meestal twee dagen racen. Ze vond die rustige weekenden heerlijk. ,,Anderen gingen wel weg om te trainen, ik niet.’’

Ze vond het wel prima. Bovendien was het bij Auto- en Bandenservice De Ree druk zat. Zwiers merkt het na elk raceweekeinde. ,,Dan loop ik twee dagen rond op het circuit en blijft thuis alles liggen. In en om huis is zoveel te doen.’’

Ze is minder streberig dan vroeger. ,,Ik heb ook het gevoel dat ik op de terugweg ben. Al bijna 25 jaar ben ik onderweg en het wordt toch geen topsport.’’ Er alles voor laten wil ze niet meer. ,,Dat heb ik wel gedaan hoor, maar heel veel heeft me dat niet gebracht. Grasbaanracen is allemaal leuk en aardig, maar je bereikt er ook niet veel mee.’’

Nooit zin, maar altijd blij naar huis

Niet dat ze spijt heeft van haar raceloopbaan. Zeker niet. Ze kijkt er tegenwoordig simpelweg wat anders tegenaan. ,,Vroeger vond ik het stom dat ik naar school moest. Als het maar snel weer weekeinde was.’’ Dan kon ze racen. ,,Dat heb ik nu niet meer.’’

Misschien komt het relativeren ook wel doordat haar vader afgelopen winter met hartproblemen in het ziekenhuis belandde. ,,Het was kantje boord. Daarom is het zo mooi dat we dit samen kunnen beleven.’’

Mede daardoor stapte ze na de twee seizoenen waarin de sport stillag, toch weer op. Voor haar laatste seizoen. ,,Als ik 4, 5 races achteraan had gereden, had ik de handdoek geworpen hoor. Dat het nu zo goed gaat, geeft wel een kick.’’

Ontspannen racen blijkt een winnend recept. Nooit rijdt Harriët Zwiers met grote verwachtingen naar een wedstrijd toe. ,,Eigenlijk heb ik nooit zin om te gaan. Geen tijd, moet dit nou? Bijna met tegenzin, maar ik rij elke keer weer blij naar huis.’’

Nieuws

Meest gelezen

menu